PWW IN PAROCHIEPASTORAAL
Els Verheyen
Als jonge vrouw, gehuwd en met drie kleine kinderen, ligt mijn eerste taak uiteraard in mijn gezin. Daar voel ik me in de eerste plaats geroepen om ‘er te zijn': voor Koen, mijn man en voor de kinderen, Stef, Bas en Noor.
Daarnaast werk ik als pastoraal werkster, pastor, reeds 7 jaar met veel plezier en enthousiasme mee aan de uitbouw van de parochiepastoraal in onze parochie te Wijnegem.
Met drie pastors in onze parochie hebben we de mogelijkheid om de taken wat te verdelen. Zo hou ik me voornamelijk bezig met het ondersteunen van de catechesewerkingen (eerste communie, vormsel en pluswerking) en het begeleiden van de catechisten. Daarnaast werk ik mee aan gezinsvieringen, kindernevendiensten, meditatieve vieringen, schoolvieringen,.. verschillende vormen van liturgie met elk een eigen accent.
Ook voorgaan bij uitvaarten en het voorbereidende gesprek met familieleden van overledenen nemen een deel van mijn taak in. Het zijn vaak mooie, diepgaande, ontroerende contacten waar mensen dankbaar voor zijn. Ook preekbeurten, allerlei vergaderingen (Pastoraal team, federatieteam e;d.) behoren tot het takenpakket.
Als jongvolwassen vrouw voel ik me het meest verwant met mijn leeftijdsgenoten, meestal ouders van jonge kinderen. Met hen heb ik het meest contact (‘schoolpoortpastoraal') Al zie ik velen van deze groep niet in de wekelijkse zondagsviering, ik weet dat ze vaak wel open staan voor verdieping, voor gesprekken over wat hen bezig houdt: opvoeding, waarden, geloven. Het zoeken naar vormen om deze mensen met drukbezette agenda's ook daarvoor bijeen te krijgen, vind ik een hele uitdaging. Daar wil ik graag aan meewerken.
Ik werk graag in onze parochie. Er leeft wat; heel wat mensen werken er op één of andere manier mee en vinden er een plek waar ze zich thuis voelen. We hopen voor velen vooral een hartelijke parochiegemeenschap te zijn!
PASTORAAL WERKER IN EEN GEVANGENIS
Mark De Cordt
Samen met mijn collega Marc ben ik werkzaam als pastoraal werker in de gevangenis van Merksplas. De gevangenis van Merksplas is één van de grootste gevangenissen van België. Er verblijven zowel veroordeelden als geïnterneerden.
Het grootste deel van mijn pastoraal werk gaat naar het voeren van individuele gesprekken met gedetineerden. We onthalen de mensen als ze hier toekomen. Ook nadien proberen we ze nog regelmatig te spreken, ofwel op hun vraag, ofwel op ons initiatief. Deze gesprekken gebeuren in vertrouwen. Daarin ligt het eigene van ons werk. Alles wat tegen de andere personeelsleden (directie, psychosociale dienst, bewakers,...) wordt gezegd, kan worden gerapporteerd. Onze gesprekken zijn als het ware een "vrijplaats".
Alles kan ter sprake komen: geloof en ongeloof, hoop en wanhoop,... Wat wij proberen te doen, is hen te beluisteren, hen te respecteren als mens met oog voor het goede dat in hen leeft, een stuk met hen op weg gaan. Wat niet wegneemt dat er niet af en toe ook eens kritische vragen kunnen worden gesteld. Maar de onvoorwaardelijke aanvaarding blijft de basis.
Samen met een vrijwillige priester zorgen wij ook voor een wekelijkse viering. Het wil "binnen de muren" een moment van rust, bezinning en gebed zijn. Een moment ook om een kaarsje aan te steken (voor zichzelf, voor hun familie, voor mensen die overleden zijn,...). Het is een gelegenheid waar velen dankbaar gebruik van maken.
Daarnaast organiseren we tweemaal per jaar een reeks van vier gespreksavonden samen met de werking gezinspastoraal van de diocesane pastorale dienst. Allerlei onderwerpen die dicht bij het leven staan, worden er ter sprake gebracht. Vooral is het een ontmoeting tussen mensen van "binnen" en "buiten" de muren, een ontmoeting die langs beide kanten heel deugddoend is.
Gelukkig moeten we dit alles niet alleen doen. We hebben een klein team van vrijwilligers, die mensen bezoeken, waarmee we kunnen uitwisselen maar vooral ook die elkaar steunen en bemoedigen in het pastoraal bezig-zijn. Een ware zegen.
WERKEN ALS ZIEKENHUISPASTOR
Mijn naam is Greet Scheers, ik ben 42 jaar, al bijna 20 jaar gelukkig getrouwd en moeder van 3 schatten van kinderen van 15, 12 en 10. Op dit moment werk ik 9 jaar als pastor in het H. Hartziekenhuis van Mol. Ik heb er mijn hart verloren. Vroeger zou ik dat nooit geloofd hebben. Zieke mensen trokken mij niet aan. Ik was er eigenlijk een beetje bang voor. Nu is het ziekenhuis mijn leefwereld geworden en ik kan er mijn pastor zijn ten volle beleven!
Mensen vragen mij regelmatig wat ik heel de dag doe. Ze zijn vaak verrast dat ik betaald word om overal "een klapke te gaan doen"... Ik moet daar altijd om glimlachen, omdat ik eigenlijk niet zoveel praat, maar vooral luister. Het grootste deel van mijn tijd gaat dan ook naar patiëntenbezoeken. Verder verzorgen mijn collega en ik gebedsvieringen op hoogdagen en zijn we oproepbaar voor een ziekenzegening om patiënten en familieleden bij te staan als het levenseinde lijkt te naderen. We brengen ook elk weekend de communie rond.
Voor mij is ziekenhuispastoraal in de eerste plaats tochtgenoot zijn van mensen. Het is meeleven met hen, klankbord zijn en met veel respect en inlevingsvermogen mee de weg gaan met mensen. Die wegen zijn heel verschillend, maar meestal hebben ze wel één ding gemeen: heel hun leven staat op zijn kop door een ziekte, ongeval of operatie. Vragen en twijfels komen dan naar boven: "Hoe moet het nu verder met mij? Wie ben ik nog, nu ik niet zoveel meer kan? Wat kan ik nog betekenen voor anderen? Waar is die God nu ik Hem zo nodig heb? Waaraan heb ik dit verdiend?" Als pastor mag ik proberen die vragen wat helderder te krijgen, mee op zoek gaan naar houvast, krachtbronnen en nieuwe perspectieven. Het gaat er niet in de eerste plaats om, oplossingen aan te bieden en te zeggen dat het allemaal wel meevalt, maar wel om mee in de modder te gaan staan zonder er in weg te zakken, om verdriet en boosheid niet uit de weg te gaan, maar de worsteling te erkennen. Familieleden en vrienden zijn daar vaak bang voor "want dan maak je het nog erger". Maar het is vaak door gevoelens uit te spreken dat je er meer greep op krijgt en ze zo een plaats kunt geven in je leven. Het kan zo'n verademing zijn om gewoon te zeggen wat er op je hart ligt en aanvaard te worden, met al je onmacht, verdriet en pijn. Het is... mogen proeven van die God die zegt: " Ik ben er voor jou".
Ziekenhuispastoraal is oog en oor hebben voor het hele levensverhaal van mensen. Vele patiënten maken in het ziekenhuis hun levensbalans op. Ze hebben zoveel tijd om na te denken en zich af te vragen ze er van terecht gebracht hebben. Zeker als ze weten dat hun dagen geteld zijn, willen ze graag alles op een rijtje hebben. Dat is niet zo vanzelfsprekend. Er komt zoveel op hen af. Soms is er alleen nog maar chaos ... Het kan een hele steun zijn om iemand aan je bed te hebben die mee naar die chaos wil kijken en woorden geeft aan de dingen waar je zelf geen woorden voor vindt. Vak zijn er ook geen woorden nodig. Dan is een blik, een glimlach, een knipoog , een schouderklopje genoeg. Soms hou ik gewoon een hand vast of geef ik een knuffel en hoop ik dat mensen zich gedragen mogen voelen door Iemand die groter is dan mij...
Zo ook bij de ziekenzegeningen: het zijn innige momenten waarbij het gebaar van de handoplegging sterker is dan alle woorden en het moment van afscheid van de familie, ondanks alle verdriet, ook zo mooi en hartverwarmend kan zijn. Het is bijna een voorrecht om daarbij aanwezig te mogen zijn en in die intimiteit te mogen binnentreden - wonderlijk! Ik ben ook nog altijd verbaasd over het impact van de communie op de kamer brengen. Velen barsten in tranen uit en zijn zo dankbaar voor die concrete goddelijke aanwezigheid waar ze enorm veel kracht uit putten. Het is een kostbare schat waar we mee rondlopen door het ziekenhuis,...
Tenslotte wil ik nog meegeven dat ik me als ziekenhuispastor nooit moet afvragen of mijn werk zinvol is. Elke dag opnieuw krijg ik zoveel dankbaarheid en waardering van mensen. Ik ben 11 jaar geleden gezonden als pastorale werkster om licht en warmte te brengen bij mensen, om te proberen de weg van Jezus te gaan - met vallen en opstaan weliswaar- en ik geloof er dan ook sterk in dat zo op weg gaan met mensen en hen het gevoel geven dat ze door God gedragen worden, helend en bevrijdend kan werken en zo zijn eigen plaats heeft in het ziekenhuis!
PASTORAAL WERKER IN HET PC SINT AMEDEUS TE MORTSEL
Paul Malfliet
Ik gebruik in m'n voorstelling het woord ‘mensen' als ik het over de patiënten en bewoners heb. Allereerst is dat korter en eenvoudiger en vervolgens accentueer ik hierdoor bewust hun mens zijn, hoe ziek of gekwetst deze pastoranten zich ook voor mij aanbieden. Onze pastorale dienst bestaat uit 2 voltijdse en één driekwart pastor. Met onze dienst werken we voor het centrum in Mortsel een pastorale jaarkalender uit. Naast de wekelijkse liturgische vieringen, krijgen de hoogdagen in de pastoraal onze bijzondere aandacht. De vastenwerking die we coördineren kent naast de posterbeurs, haar hoogtepunt op onze solidariteitsnamiddag. In de meimaand organiseren we onze jaarlijkse bedevaart. Begin november gaat de herdenkingsviering door en daarna werken we de 60-plus viering uit. December is de drukste maand: opening van de kerststal, kerstbezinningen voor elke zorgeenheid én de traditionele kerstviering met kersttoneel in de grote kapel. Ikzelf werk als pastor maandag, woensdag en vrijdag op de campus in Mortsel waar ik naast het gemeenschappelijk werk vier zorgeenheden volg. Elke dinsdag werk ik op de campus de Wijngaard in Malle. Hier wonen 60 mensen met matig en ernstig verstandelijke beperking in twee zorgeenheden. Elke donderdag werk ik op campus de Liereman in Oud Turnhout. Hier wonen 60 mensen met gestabiliseerde psychiatrische problematiek eveneens in twee zorgeenheden.
Hoe ben ik aan het werk? Allereerst tracht ik bereikbaar en aanspreekbaar te zijn door zowel langs de zorgeenheden bij de mensen op bezoek te gaan als tijd te maken voor individueel gesprek. De mensen kunnen me dit rechtstreeks vragen, maar evengoed krijg ik regelmatig signalen van de verpleging met de vraag iemand gericht aan te spreken. Ik luister naar de mensen hun zorgen, teleurstellingen, angsten. Ik ga in gesprek over hun leven waarin zin en onzin ervaringen plaats krijgen. Geloven begint namelijk bij het leven. Vervolgens werk ik bewust aan verbondenheid. Religie komt van verbinden. Een mens wil zich gedragen en verbonden voelen. In mijn werk ontmoet ik mensen die met zichzelf en de anderen alle contact verloren zijn. Meestal is het ziek zijn, en de noodzakelijke opname, al reden genoeg om uit evenwicht te raken en dreig je dan te verdrinken in een spiraal die enkel nog naar meer isolement leidt. Daarom houd ik reeds verschillende jaren op vier zorgeenheden zo goed als wekelijks een bezinning of viering. Deze groepsmomenten geven dikwijls aanleiding voor individuele gesprekken nadien. Tot slot, God, komt ter sprake als we in gesprek op de oude verhalen stoten. Verhalen van vreugde, lijden, isolement en bevrijding. Bij elk individueel gesprek, maar ook tijdens de momenten van bezinning en gebed, ontsteken we een kaars als lichtend vuur in de duisternis, of gewoon als bevrijdend licht ..
Het zal duidelijk zijn dat m'n specifieke werkopdracht op drie campussen heel wat werkorganisatie vraagt. Daarnaast is er de inhoudelijke voorbereiding van de groepsmomenten en het noodzakelijk overleg met teams en diensten. In ons wekelijks pastoraal teamoverleg bereiden we het gemeenschappelijk aanbod voor. We reflecteren en sturen bij waar nodig. Met de collega's pastores van de psychiatrische centra van de Broeders van Liefde houden we vier keer per jaar vorming en werkbesprekingen. Tot slot volg ik volg ik reeds vele jaren een supervisiegroep.
Ik ben sinds 1 februari 1999 voltijds aan het werk in een job die, zoals je merkt, erg verscheiden is. Ik ervaar dit als uitdaging en kans om als gelovige mens te groeien. Het vraagt dan wel inzet, veel geven, geduld en vooral het uithouden met mensen, maar ik krijg veel terug aan vriendschap, dankbaarheid en bevestiging.
PASTORAAL WERK IN EEN RUSTHUIS
Truus Vos, pastor in Hof ten Dorpe te Wommelgem
Als pastor ben je present. Je bent beschikbaar voor de bewoners en hun familie, het personeel en de vrijwilligers. Ik ben vrijgesteld om te luisteren naar de levensverhalen van de bewoners. Naar hun vreugde en verdriet. Ik hoef geen problemen op te lossen. Als pastor is mijn geloof (soms twijfel) en levensovertuiging mijn referentiekader.
Leven in een rusthuis is niet evident of gemakkelijk. Vanaf de opname probeer ik langzaamaan een relatie op te bouwen. Niet iedereen heeft daar behoefte aan en dat respecteer ik natuurlijk. Opname in een rusthuis is meestal een crisis in het leven. De bewoner moet al het vertrouwde achterlaten en in een groep leven. Het is hun ook de laatste verhuizing en dat roept levensvragen op. Zoals: wat gebeurt er als ik doodga? Heb ik wel goed geleefd? Waarom moet ik zo aftakelen? Wat voor zin heeft het leven nu nog? Kan ik hier een "spuitje" krijgen om verlost te worden uit mijn lijden?
Je probeert onbevooroordeeld contact te leggen met de bewoner en je volle aandacht te geven. Je probeert zo open en echt aanwezig te zijn in het gesprek, je eigen zorgen en problemen laat je even achter je. Je verplaatst je voor even in het referentiekader van de bewoner, zonder jezelf te verliezen. Je luistert naar de diepere, soms moeilijke gevoelens en al tastend en toetsend over en weer verwoord je die. Dan kan er een echte ontmoeting ontstaan. De problemen die de bewoner heeft worden daardoor niet altijd opgelost, maar hij of zij voelt zich vaak wel gehoord en gesterkt om er op een andere manier naar te kijken en mee om te gaan. En helemaal mooi is het dat meestal de mensen je daar heel dankbaar voor zijn.
En dat werkt voor mij dan weer motiverend.
Als ik aanwezig ben in huis, ben ik aanspreekbaar voor iedereen. Met de focus op de bewoner en zijn familie. Door de korte contacten in de gang, cafetaria, bij bepaalde activiteiten, bij ziekten bouw je een vertrouwensrelatie op. Niet dat dat altijd diepgaande gesprekken zijn, maar gewoon even wat aandacht kan de mensen deugd doen. En als de bewoner dan ziek wordt of gaat sterven, kun je dichtbij zijn, omdat er al een relatie is opgebouwd. Ik ben regelmatig onder de indruk met hoe weinig woorden de belangrijkste dingen gezegd hoeven te worden. Of soms hoeft er helemaal niks meer gezegd te worden.
Als gelovige gemeenschap vieren we het leven in de wekelijkse Eucharistie. Wekelijks is er een gebedsviering met de dementerende bewoners op de afdeling. Een heel eenvoudige viering rond de tafel met gekende gebeden en muziek. Het is herkenbaar en de mensen worden daar heel rustig van. We proberen hen zo veel mogelijk te betrekken en dat lukt meestal heel goed. Kaarsen aansteken, koffiekopjes klaar zetten. Als er een enkeling roept of zo stoort dat niet. Het is ook mooi bij de voorbeden dat ze zelf zeggen waar ze voor willen bidden. Heel verrassend soms. Daarna drinken we koffie en praten we bij.
Pastor in een Rust- en Verzorgingstehuis is een veelzijdig beroep. Heel afwisselend en heel intens. In een rusthuis gebeurd er veel in en tussen mensen en is het een gemeenschap op zich. Met alles erop en eraan. Er wordt wel wat draagkracht van je gevraagd. Openheid en flexibiliteit, inventiviteit en creativiteit worden van je gevraagd.
Ik moet goed voor mezelf zorgen. Mijn eigen spiritualiteit door studie en vorming, gebed blijven voeden. Supervisie is ook een belangrijke ondersteuning. Een goed privéleven met deugddoende contacten. Het helpt mij ook mezelf te relativeren door te vertrouwen dat het allemaal niet van mij af hangt. De Geest van God doet het belangrijkste werk.
Daarom kan ik uit de grond van mijn hart zeggen: het is een prachtig en zinvol beroep.
Ik voel me als een visje in het water. Spreekt het beroep je aan en wil je meer weten mag je altijd met mij contact opnemen: tel.03/355.61.61.

