Lange tijd Pasen vieren
In de paasnacht begint de paastijd die vijftig dagen duurt. Het einde is op het feest van Pinksteren. De gelovige gemeenschap heeft als het ware drie feesten nodig om het Paasgebeuren te vieren. Ze geven telkens een ander perspectief op de verrijzenis van Jezus.
Pasen stelt de opstanding van Jezus centraal. God toont dat de dood niet het laatste woord heeft. Het optreden van Jezus is niet ten einde; zijn boodschap gaat verder.
Met Hemelvaart keert Jezus naar de Vader terug. Tot het einde van de tijden zal Hij zetelen aan Gods rechterhand. Jezus leeft met ons mee.
Met Pinksteren worden de leerlingen gesterkt met de Geest. Die leerlingen zijn begeesterd door het verhaal van Jezus. Ze zwijgen niet meer over Hem, ze trekken de wereld in om te getuigen.
Hemelvaart, een afscheid?
Jezus gaat weg van de leerlingen. ’t Is dus een afscheid. Het is geen prettig moment. Maar achteraf gezien is het toch een feest. Jezus had in zijn afscheidsrede al gezegd dat het goed was dat Hij naar de Vader zou terugkeren. Hij spoorde zijn vrienden aan om daarover blij te zijn. Zijn laatste woorden gaan over zijn blijvende aanwezigheid: ‘Ik ben met jullie, alle dagen, tot aan de voleinding van de wereld’. Dus geen afscheid, maar eerder een afwerking. Wat met zijn komst met Kerstmis startte, wordt nu voltooid. God laat Hem niet achter in de dood; God laat Hem binnengaan in Zijn volheid. Jezus overbrugt met het feest van Hemelvaart de afstand die er is tussen ons en God. Al het menselijke is voortaan in God zelf binnengebracht.
Boven en buiten de wereld?
Het feest van de Hemelvaart drukt uit dat de wereld nu in God geborgen is. Leven en lijden en sterven: Hij heeft het allemaal zelf doorleefd en opgenomen in zijn band met de hemelse Vader. Door de overwinning op de dood komt ons bestaan uiteindelijk tot zijn bestemming. We kregen van God het bestaan. We zijn sterfelijk, maar Hij schiep ons in zijn Liefde thuis te komen. Hij bestemt ons voor het leven door zelf onze dood door te maken en te overwinnen. Onze bestemming ligt bij Hem die reeds totaal in Gods liefde is.
We hebben de hemel als doel
Wie alleen naar deze wereld kijkt ziet te weinig. Het feest van de Hemelvaart van de Heer verwijst naar de weg en naar het doel, naar de aarde en naar de hemel. Beide moeten we ernstig nemen. Met dit feest kijken we vooruit naar wat God na de dood voor wie naar de boodschap van zijn zoon Jezus. We hebben hier op aarde een taak te vervullen, maar vanuit de wetenschap dat we hier geen blijvende woonplaats hebben. Er is de uitnodiging om steeds te leven gericht op datgene wat God bereid heeft voor degenen die Hem liefhebben en medemensen in zijn naam nabij zijn. De dood is geen dagenlange reis in de nacht; het is eerder een korte dagreis naar de toekomst bij de liefdevolle God.
Jezus op een nieuwe wijze ontdekken
Voor de leerlingen van Jezus bracht na de dood en verrijzenis van Jezus een nieuwe tijd aan. Zij werden ‘gezondenen’, getuigen van de levende Heer; en uitgenodigd om Zijn zending in de wereld te voltooien. Naar het voorbeeld van de leerlingen moeten ook wij verantwoordelijkheid opnemen om de aanwezigheid van de Heer in deze wereld voort te zetten. Hem herkennen we sterk in het breken van het Brood, in de eucharistie. Hij is niet weg, alleen op een andere wijze aanwezig. Daarom moeten wij ons niet opsluiten achter gesloten deuren, maar moedig uittrekken om bevrijding te melden. Waar wij in de Geest van Jezus de Blijde Boodschap verkondigen, daar is Hij nabij. Daar wordt de hemel met de aarde verbonden.
De heilige Geest verwachten
Ons-Heer-Hemelvaart is de aanzet van tien dagen uitzien naar de zending van de heilige Geest met Pinksteren. In die tiendaagse worden we uitgenodigd dagelijks te bidden dat de heilige Geest in onze gemeenschap komt met zijn vele gaven.
Liefde is heel kostbaar, wellicht het schoonste waartoe een mens in staat is.
Volkomen vreugde wortelt in de zekerheid dat wij in Gods Liefde geborgen zijn, dat God ons liefheeft, hier en nu.
Geduld is geen zwakte, maar een sterkte die vrucht is van lange ervaring, veel mensenkennis en grote mildheid.
Zachtmoedigheid is de warmte van een meelevende goedheid die eenzaamheid verdrijft en vertroosting brengt. Zij is de zachte kracht van ware liefde.
Trouw is rechtlijnig leven, trouw aan de andere en aan zichzelf. En mocht iemand teleurstellen, het opnieuw wagen met elkaar omdat men in de liefde blijft geloven.
Geloof. Wie in God gelooft, is niet alleen. Zij of hij is geborgen. Wie in God gelooft, is vrij. Hij behoeft niet te zijn wat hij niet is, niets laten zien wat hij niet heeft, en niets presteren wat hij niet kan. Wie in God gelooft, kan leven.
Blijdschap. Het komt erop aan onze innerlijke vreugde uit te stralen. Dit hoeft niet door te schateren, maar door het mooiste in onszelf te delen met allen rondom ons.
Goedheid. Wij kunnen alle harten bereiken als we de eenvoudige weg van goedheid gaan.
Tot slot
Waar we bij stilstaan bij dit feest is dat Jezus niet is weggegaan, maar dichter naar ons toe gekomen is.
(deken Thieu)