Een nieuwe lockdown - een nieuwe uitdaging
Zusters en broeders,
na vijf maanden aarzelend en tastend – met de nodige afstand, voorzichtigheid en voorzorg – liturgie te hebben gevierd, gaan we deze dagen opnieuw de geslotenheid van de eigen kamer binnen. We doen het in een blijvend pogen de pandemie duurzaam het hoofd te bieden. We doen het misschien ook met meer angst en onrust dan het voorbije voorjaar. Het donderse virus laat zich zo moeilijk temmen. Anders dan in het voorjaar zijn de dagen donker. Ze zijn kouder. Ze wegen. En bij momenten wegen ze zwaar. Dat is het gevoel dat we samen delen.
Mag ik het vragen? Laten we meer delen dan dit. Laten we ons respect delen, onze dankbaarheid, ons geduld en ons meeleven. Onze solidariteit dus, onze naastenliefde; indachtig het gebod van de Heer: Bemin God boven alles, en je naaste als jezelf. Om God en elkaar te beminnen hebben we niet veel nodig. Een hart dat groot genoeg is om de kleine sterren van hoop te onderkennen, die zich ook in de donkerste nacht aan de hemel tekenen.
Mensen leven van hoop. Christenen al helemaal. Omwille van die hoop vierden we in deze dagen Allerheiligen. Het is een bevreemdend feest. Het zit gewrongen tussen de droefheid die deze dagen sowieso met zich meebrengen aan de ene kant; en aan de andere kant de volheid van leven die ons door God werd beloofd. Dat is op zijn minst een vreemde positie. Met Allerheiligen gedenken we letterlijk alle heiligen – gekend en ongekend, vereerd of vergeten – die, vertrouwend op Gods Woord, hun weg door het leven zijn gegaan.
Wij proberen diezelfde paden te bewandelen, met vallen en opstaan, telkens weer. Immers, Gods Woord klinkt ook voor ons. En zijn belofte van leven wordt ook aan ons gedaan. Wij worden uitgenodigd, zo goed en zo kwaad wij dat kunnen, heilig te worden; te groeien – elke dag opnieuw – in de liefde die God ons toezegt.
Nu kunnen we andermaal niet meer samenkomen om dat Woord te horen. Om te groeien in liefde. De nieuwe lockdown maakt dat de eucharistie voorlopig niet meer wordt gevierd. Dat is jammer en pijnlijk. Maar het is geen Godsverduistering. God laat zich niet verduisteren. Hij zoekt ons. Het zijn wij die het vinden moeten leren. Zeker als het licht maar een sterretje is, in een donkere nacht.
We nodigen u uit om de liturgie zoveel als mogelijk van thuis uit te vieren. Via TV, radio en internet zijn wekelijks verschillende vieringen te volgen. In ons zorgen voor elkaar zijn deze, zeker in deze tijd, aan te bevelen. U kunt erop vertrouwen dat de Heer ons altijd en overal nabij is en dat ook geestelijke communie echte communie is.
In het voorjaar was het vieren van Pasen moeilijk. Dit najaar, in al zijn gewogen weemoed, hebben we, in de periode van Allerheiligen en Allerzielen, nood aan troost. Troost die we vinden in elkaars aanwezigheid. Troost voor een jaar waar veel is gebeurd, voor teveel afscheid dat onaf is gebleven en voor de onzekerheid die nog steeds regeert.
Laten we elkaar ondanks alles die troost bieden en daar creatief in zijn.
We wensen u veel goede moed,
priester Jos en Bart