Als we naar de rode draad van Jezus’ levenskeuze kijken, dan is het niet ‘slechts een incident’. Deze koning kiest voor een ezelsveulen. Hij rijdt niet op een strijdwagen met een span paarden en een boog in de hand. Nee, Jezus kiest voor dit alledaagse lastdier. De heerschappij van deze koning komt niet tot stand door bruut geweld, maar voltrekt zich langs de weg van gerechtigheid en zachtmoedigheid. En dit soort woorden passen – helaas – allesbehalve bij de wereldse machthebbers. Het is de taal van de profeten. Voor al die mensen die niet geteld worden, wordt hier de messiaanse droom nieuw leven ingeblazen: ‘Hosanna’ – dat betekent: ‘Red ons!’
En Jezus maakt met zijn levenskeuze deze woorden tot de zijne. Van zo’n intocht heeft niemand iets te duchten. Integendeel, deze koning is laag gezeten, Hij is bereikbaar, je kunt Hem zo aanraken en zomaar ‘dag koning’ tegen Hem zeggen. Zijn handen kennen geen wapens, en de mensen prijzen God met luide stem, zijn aanhang spreidt de mantels voor Hem uit op de weg.
Zo getuigt Jezus van zíjn koningschap. Een koningschap van een andere orde, van een nog lang niet begrepen orde. Want dat het niet begrepen werd, bleek toen hij stervende aan het kruis, werd uitgedaagd: ‘Anderen heeft Hij gered, maar zichzelf redden kan Hij niet. Hij is toch koning van Israël, laat Hij dan nu van het kruis af komen...!’ Dat is een koningschap zoals de wereld die maar al te graag wil zien: met macht, met aanzien, glanzend, een sterke man, een held.