De bezinning bij de hoogdagen zal dit nieuwe kerkelijke jaar geschreven worden door Miet Joriskes. Zij is redactielid van Kerk & Leven Kinrooi, zorgt voor de wekelijke inzending van pastorale informatie uit de geloofsgemeenschap Molenbeersel, stelt de pastorale agenda samen, is lector in de zondagskerk, is actief in de werkgroep rouwenden nabij, schrijft bezinningsteksten voor de Lourdesbedevaarten van Samana, enz….
Haar eerste bezinning, rond Kerstmis, lees je vandaag:
We kennen allemaal wel de wekelijkse rubriek “Hier ben ik” in onze Limburgse goed nieuwskrant. Pasgeboren baby’s worden voorgesteld door hun familieleden. In blijde verwachting hebben ze naar de geboorte toegeleefd. Hun komst werd grondig voorbereid. De kinderkamer werd ingericht, het wiegje in gereedheid gebracht, zorgvuldig een naam gekozen, geboortekaartjes gedrukt, suikerboontjes klaar gemaakt. Kortom aan alles werd gedacht voor het kindje dat op komst was.
Hoe anders verging het dat jonge koppel meer dan 2000 jaar geleden? Niet omringd door familie of vrienden, maar alleen in een vreemde stad. Geen mooi wiegje in een warme kamer maar een voederbak in een open schuur. Geen warme babykleertjes maar neergelegd in wat hooi. Geen geboortekaartje of aankondiging op facebook, maar enkel een ster die de weg wees. Geen babyborrel, enkel wat schamele lieden die een bezoek brachten.
In armoede geboren, maar te midden van goede mensen, want Jozef en Maria hadden ook uitgekeken naar hun kindje en omringden het met veel liefde.
En wij? Hebben ook wij uitgekeken naar Jezus’ komst? Hebben ook wij ons hart voorbereid? We kregen er alvast de hele adventstijd voor. Of blijft het gewoon bij het verhaal dat we al zo dikwijls gehoord hebben?
Toch wil het kerstkind elk jaar opnieuw geboren worden. Met Kerstmis vieren we immers de menswording van Jezus; dat God wil deel uitmaken van onze wereld, dat Hij naar ons toekomt. In de menswording is Hij “zichtbaar onder ons” geworden. En hoe! God wordt mens, klein en kwetsbaar, hulpeloos en weerloos, overgeleverd aan de liefdevolle zorgen van mensen. Een klein kind waar je niet bang voor hoeft te zijn. Wat een Godsbeeld!
Het kind in de kribbe drukt uit hoe God met ons bezig is. We zijn zo kostbaar in zijn ogen, dat Hij één van ons is willen worden, een mens van vlees en bloed.
Het is dus wel degelijk een feest ook voor “vandaag”, want God verbindt zich opnieuw met onze geschiedenis en spreekt ons opnieuw aan, heel persoonlijk.
Geboren in armoede, in een voederbak gelegd. Mogen we hierin misschien de diepere betekenis zien dat God ons wil voeden, dat Hij ons geestelijk voedsel wil zijn?
Voor Jezus was er geen plaats in de herberg, maar Hij zorgt dat er voor mensen plaats is. Want de eersten die Hem kwamen bezoeken waren herders, die leefden in de realiteit van het gewone leven, dikwijls hard en ruw. Het gewone volk kreeg als eerste de eer om het pasgeboren kind te aanschouwen en te aanbidden.
De herders ontvingen als eerste het goede nieuws “heden is u een redder geboren, Christus de Heer”. En worden deze oude woorden ook niet tot ons gezegd?
Geloof ik dat ik een Redder nodig heb? Laat ik Hem toe in mijn leven? Of denk ik het in mijn eentje wel te kunnen redden?
God wordt mens opdat ook ik mens mag worden. Maar hiervoor vraagt Hij wel instemming. Maria heeft ook “ja” moeten zeggen.
Willen ook wij meedoen? Mag Jezus ook in ons leven “opnieuw en vernieuwd” geboren worden? Mag Hij in ons hart een thuis vinden?
Laten we er ons maar voor openstellen. Dan zal het Kerstkind in ons vreugde doen opborrelen en mag innerlijke vrede ons deel worden. Niet alleen vandaag, morgen en de komende dagen, maar ook in het nieuwe jaar. Ik wens het u van harte.
Zalig Kerstmis!
Miet Joriskes
Foto: © Michelle Scott