Naar aanleiding van de kermis stellen wij de patroonheilige van de kerk in De Klinge centraal.
De hoofdpatroon van deze kerk is geen persoon, maar wel een dogma of geloofspunt: Onze-Lieve-Vrouw-Hemelvaart. Het is de benaming voor de lichamelijke opneming ten hemel van Maria, de moeder van Jezus, en wordt gevierd op 15 augustus. De hoofdpatroonheilige van de kerk in De Klinge is dus niet Maria zelf, maar een kenmerk van haar leven en sterven.
Het altaarschilderij in de kerk stelt de Hemelvaart van Maria voor. Dit schilderij is sinds 1670 in bruikleen, dus geen eigendom.
In de Schriften is deze Hemelvaart niet vermeld. Ze behoort wel sinds eeuwen tot de traditie van de katholieke en orthodoxe kerken en minder tot de Hervorming. In feite gaat het over de “Tenhemelopneming” en niet zoals bij Jezus over een “Hemelvaart”. Nog sterker: in het Oosten spreekt men over de dodelijke inslaping en wordt Maria liggend en stervend tussen de apostelen voorgesteld.
Enige verheldering kwam er op 1 november 1950 toen Rome de Tenhemelopneming tot dogma verklaarde. Is de huidige benaming Mariologisch fout? Zeker, maar het is een toevallige en mooie fout, vindt Wilfried Maes.
De eerste bijpatroon is Sint-Antonius, de volksheilige Antonius van Padua.
Fernando - zo heette hij - werd omstreeks 1190 in Lissabon (Portugal) geboren, trad er in 1210 in bij de Augustijnen - koorheren, vindt het daar niets en werd na tien jaar - dus in 1220 - Minderbroeder. Even is hij missionaris in Marokko, maar reist dan over Sicilië naar Italië. Zijn naam Antonius is gekozen naar Antonius de kluizenaar (+336 in Egypte).
Antonius werd een volkse predikant in Italië en Zuid-Frankrijk en bracht massa’s mensen in beweging. Ook was hij provinciaal der Broeders en doceerde theologie in Bologna en Padua. Zijn zondags- en vastenpreken in Padua zijn heel bekend. Antonius schrok er niet voor terug hogere geestelijken uit de tijd op een volkse wijze aan te pakken.
Tegen het einde van zijn leven verbleef Antonius veel in een soort boomhut, in een notenboom. Daar zat hij goed en reeds wat van de wereld weg. Het feit dat notenbomen insectenwerend zijn, heeft misschien ook iets met deze keuze te maken.
De geliefde Antonius ging zelfs tot op onze dagen tot de volksdevotie behoren. Legenden werden rond zijn leven gewezen zoals de preek tot de vissen. Antonius werd de patroon van de verloren voorwerpen. “Antonius mijn goede vrind, zorg dat ik mijn … vind.”
De dinsdag werd de dag van Antonius, er ontstonden Antonionisten, Antoniusbrood, de negen dinsdagen. De dinsdag was immers zijn begrafenisdag. Ieder denke er het zijne over.
Antonius overleed in 1231 te Arcella bij Padua en werd heilig verklaard in 1232 en in 1946 tot kerkleraar uitgeroepen.
De Recolletten hebben als echte Minderbroeders hun collega als medepatroon in De Klinge gebracht. Lange tijd stond een Antoniusbeeld boven de pastorijdeur. Zijn feestdag valt op 13 juni.
De tweede bijpatroon is Sint-Jozef.
In tegenstelling tot het hoofdaltaar en het noordelijk altaar is voor de tweede bijpatroon van onze kerk meer dan één antwoord mogelijk. De tweede bijpatroon is St.-Jozef. Maar je vindt geen afbeelding terug van St.-Jozef op dit altaar. Er is enkel een afbeelding te vinden in het medaillon boven de preekstoel. Het is dan ook niet te verwonderen dat De Potter en Broeckaert het Heilig Kruis als bijpatroon van onze kerk en meer bepaald van het zuidelijk zijaltaar vermelden. Maar ook daarmee is de kous niet af.
Merkwaardig is de Klingse traditie die vele jaren heeft bestaan dat jonge moeders van hun kind aan dit altaar kun kerkgang deden. Nu nog staat de doopvont voor dit altaar.
Welke antwoorden zijn er nu mogelijk voor het zuidelijk altaar? Het Jozefaltaar, het heilig kruisaltaar of het altaar voor de jonge moeders? Aan u laat ik de keuze, maar geef toe, het is een mooi altaar dat pas in 1869-1870 werd toegevoegd aan onze kerk.
Met dank aan Wilfried en Maes en Roger Bauwens