De Tenhemelopneming van Maria
Teken van hoop en troost
Wij vieren Maria als voorbeeld van allen die zich open stellen voor de kracht van Gods Woord, als teken van hoop en troost, als beeld van de voltooide Kerk. Want zij deelt reeds helemaal in het volle leven bij God. Daarom noemen we haar terecht ‘de gezegende onder de vrouwen’.
Eucharistievieringen op zaterdag 15 augustus in de Pastorale Eenheid Kleopas
- 10 uur Sint-Martinuskerk
- 10u30 Nationale Basiliek van het Heilig Hart
- 16 uur Sint-Ceciliakerk
- 17u30 Sint-Agathakerk
15 augustus: een dag waarop de christelijke hoop op de verrijzenis en het eeuwige leven wordt gevierd.
Maria-Hemelvaart is een van de belangrijkste Mariafeesten in de rooms-katholieke Kerk en wordt jaarlijks gevierd op 15 augustus. Het feest herdenkt dat de Maagd Maria, na het einde van haar aardse leven, door God met lichaam en ziel in de hemelse heerlijkheid werd opgenomen. In de katholieke traditie spreekt men van de Tenhemelopneming van Maria (Assumptio Mariae). Dit verschilt van de Hemelvaart van Christus: Christus steeg uit eigen goddelijke macht op naar de hemel, terwijl Maria volgens de katholieke leer door Gods handelen werd opgenomen.
De Bijbel beschrijft de Tenhemelopneming van Maria niet uitdrukkelijk. De katholieke leer steunt daarom op de heilige Overlevering, de liturgie en de voortdurende geloofsovertuiging van de Kerk. De oudste christelijke geschriften die over het einde van Maria’s aardse leven spreken, zijn de zogenoemde Dormitio- of Transitus Mariae-teksten. Deze ontstonden vermoedelijk vanaf de vierde of vijfde eeuw, al zijn sommige onderdelen mogelijk ouder. De Kerk beschouwt deze geschriften niet als historische of geïnspireerde Bijbelboeken, maar zij tonen wel aan dat het geloof in Maria’s verheerlijking reeds vroeg onder christenen leefde.
Een belangrijke stap in de ontwikkeling van de Mariaverering vond plaats tijdens het Concilie van Efeze in 431. Dit concilie verklaarde dat Maria terecht Theotokos (“Moeder van God”) genoemd mag worden. Die beslissing was in de eerste plaats bedoeld om de ware godheid en mensheid van Christus te bevestigen tegenover de leer van Nestorius. Hoewel het concilie niets uitsprak over Maria-Hemelvaart, versterkte het wel de bijzondere plaats van Maria binnen de christelijke geloofsleer en droeg het bij aan de verdere ontwikkeling van de Mariadevotie.
Vanaf de zesde eeuw werd het feest van Maria’s ontslaping (Dormitio) in het oosterse christendom op grote schaal gevierd. Van daaruit verspreidde de viering zich geleidelijk naar het Westen. Tegen de achtste eeuw was 15 augustus ook in de Latijnse Kerk een gevestigde feestdag. In de loop van de middeleeuwen groeide het geloof in Maria’s lichamelijke opname in de hemel verder uit tot een algemeen aanvaarde overtuiging binnen de katholieke traditie.
De belangrijkste pauselijke beslissing kwam in de twintigste eeuw. Pius XII (paus van 1939 tot 1958) raadpleegde in 1946 alle katholieke bisschoppen wereldwijd via de encycliek Deiparae Virginis Mariae over de vraag of de Tenhemelopneming als geloofsdogma moest worden afgekondigd. Nadat vrijwel alle bisschoppen zich positief hadden uitgesproken, vaardigde hij op 1 november 1950 de apostolische constitutie Munificentissimus Deus uit. Daarin definieerde hij plechtig als dogma dat “de onbevlekte Moeder van God, de altijd Maagd Maria, na het voltooien van haar aardse levensloop met lichaam en ziel in de hemelse heerlijkheid werd opgenomen”. Opvallend is dat paus Pius XII in de dogmatische definitie bewust niet heeft vastgelegd of Maria vóór haar Tenhemelopneming is gestorven. Door te spreken van “het voltooien van haar aardse levensbaan” liet hij deze kwestie open. Hoewel de christelijke traditie overwegend aanneemt dat Maria eerst is gestorven, heeft de katholieke Kerk hierover geen bindende dogmatische uitspraak gedaan.
Voor katholieken heeft Maria-Hemelvaart een diepe theologische betekenis. Het feest wordt gezien als een teken van de uiteindelijke overwinning van Christus op zonde en dood. Maria wordt beschouwd als de eerste mens die, na Christus, reeds volledig deelt in de toekomstige verrijzenis die volgens het christelijk geloof voor alle rechtvaardigen is weggelegd. Haar Tenhemelopneming geldt daarom als een teken van hoop voor de gelovigen en als een voorafbeelding van de verrijzenis aan het einde der tijden.
Frederic Eggermont