Goede vrienden,
Ik wil jullie met deze brief op de hoogte brengen van een belangrijke weg die we als bisdom de komende jaren samen zullen gaan. We zijn namelijk een synodaal proces gestart dat ons voorbereidt op een pastorale en kerkjuridische vernieuwing van onze parochies.
Wat ging er vooraf?
Deze stap komt natuurlijk niet zomaar uit de lucht vallen. Hij sluit aan bij eerder gezette stappen. Denk aan de pastorale brief Kerk zijn vandaag en de toekomst van de parochies van Mgr. De Kesel (2011) die het startschot gaf voor de oprichting van pastorale eenheden. Ik verwijs ook naar mijn beleidsbrief Verdiepen en verbinden (2017) en naar het opvolgingsverslag dat als pastorale brief werd gepubliceerd op 1 december 2019.
In Verdiepen en verbinden legde ik vier grote prioriteiten vast voor de toekomst: het uitbouwen van levendige geloofsgemeenschappen, het bundelen van opleiding en vorming, het versterken van een waarderend medewerkersbeleid en het investeren in jongerenpastoraal en diaconie. Dankzij de inzet van zovelen hebben we de voorbije jaren op al die terreinen goede stappen gezet. Daar ben ik echt dankbaar voor. Maar tegelijk voelen we allemaal dat het werk nog niet klaar is. Vijftien jaar na de brief van kardinaal De Kesel is het opnieuw tijd om op het vlak van de pastorale structuur in ons bisdom toekomstgerichte keuzes te maken.
Welke veranderingen zetten zich door?
We merken het al jaren: onze samenleving verandert snel en ingrijpend. Secularisatie is niet nieuw, maar haar gevolgen worden steeds duidelijker zichtbaar in onze parochies en geloofsgemeenschappen. Het jongste jaarrapport van de Katholieke Kerk bevestigt wat we al langer aanvoelen: minder mensen vinden spontaan hun weg naar de kerk, vrijgestelden en vrijwilligers dragen almaar meer verantwoordelijkheden en de lokale structuren gaan soms onze krachten te boven.
Daarnaast zie ik hoopvolle tekenen die de vraag naar hervorming versterken. De achterdocht tegenover geloof, zeker bij jongere generaties, neemt af. Er is opnieuw meer openheid. In de media vertellen jongeren over de levensvragen die hen bezighouden en hoe ze ook naar het christelijk geloof kijken voor steun. In geloofsgemeenschappen duiken nieuwe gezichten op: mensen die hier nog maar pas zijn en zoeken naar houvast en perspectief. En net zoals in andere bisdommen groeit ook bij ons de groep volwassenen die om het doopsel of het vormsel vragen. Al die prille tekenen van vernieuwing willen we met open armen ontvangen en goed begeleiden.
Wat is onze grootste bekommernis?
Als we de komende maanden en jaren samen een weg van vernieuwing uitstippelen, houden we best twee dingen goed voor ogen. Wanneer we kiezen voor een vernieuwing van onze parochies, doen we dat niet in de eerste plaats om organisatorische redenen, maar vanuit een diepere zorg: voor het evangelie en voor de mensen die het handen en voeten geven.
Onze eerste en belangrijkste zending als Kerk blijft altijd dezelfde: het evangelie verkondigen als dienst aan de wereld. Dat vraagt om geloof, eenvoud, duidelijkheid en een structuur die onze kracht niet verzwakt maar net ondersteunt. We hebben, organisatorisch gesproken, nood aan een jas op maat, zodat we onze krachten kunnen inzetten voor de belangrijkste taken.
Daarnaast verdienen alle mensen die zich in onze Kerk inzetten ook zorg: priesters, diakens, pastoraal werkenden en de vele vrijwilligers die elke dag het verschil maken. We zien hun inzet, maar we zien ook hun grenzen. Een structuur die te zwaar weegt, kan uitputten. Een structuur die lichter en overzichtelijker wordt, geeft opnieuw ademruimte.
Hoe willen we te werk gaan?
De manier waarop we deze vernieuwing voorbereiden, is belangrijk. Paus Franciscus, en intussen ook Paus Leo XIV, herinneren ons eraan dat de toekomst van de Kerk synodaal is: samen onderweg, luisterend naar elkaar in de Geest. Een synodaal proces vraagt om bescheidenheid. Het vraagt dat we durven te erkennen dat niemand de volledige weg alleen ziet, dat we dus luisteren naar de hoop en de vragen van gelovigen, medewerkers, parochies en geloofsgemeenschappen en dat we samen de weg gaan en op het goede moment een beslissing nemen. Het komt erop aan om te onderscheiden wat wijs is, wat het geheel dient en wat leven brengt. Een synodaal proces betekent dat we tijd nemen die nodig is, dat we vooruitzien en stappen zetten maar ook omkijken en zien of iedereen mee is.
Om die zorg te behartigen, heb ik recent een diocesane pastorale raad opgericht. Dit adviesorgaan, samengesteld uit betrokken kerkgangers die ook vertrouwd zijn met maatschappelijke domeinen zoals zorg, onderwijs, politiek en verenigingsleven, zien we als een raad van wijzen die helpt toezien of we alles doen om iedereen mee te hebben en het goede tempo aanhouden.
Welke visie tekent zich af?
Intussen tekenen de eerste contouren van die pastorale vernieuwing zich af. De eerste synodale gesprekken hebben geleid tot een concept dat we 'een Kerk van knooppunten' noemen. Bij 'teksten en documenten' op de website van het bisdom, onder Parochiepastoraal-Kerkknooppunten kun je lezen hoe we tot dit concept zijn gekomen. In deze brief wil ik kort de pastorale insteek achter 'een Kerk van knooppunten' schetsen. Je kunt ze in vijf punten samenvatten:
- Een kerk van netwerken: De pastorale structuur vertrekt niet langer vanuit het idee dat elke voormalige parochie op zichzelf functioneert. In plaats daarvan bouwen we aan een netwerk van geloofsgemeenschappen, waarin samenwerking centraal staat.
- Een gelaagd pastoraal aanbod: We kiezen bewust voor verscheidenheid in aanbod. Parochieknooppunten, elk met een centrumkerk, vormen de kern van het volle parochieleven. In de hoofdkerken van de huidige pastorale eenheden vieren we sacramenten en zondagsliturgie, terwijl buurtkerken plekken zijn voor devotie, stilte of vieringen bij bijzondere gelegenheden.
- Centraal en lokaal: Er blijft respect en aandacht voor het lokale geloofsleven. De lokale diaconale inzet en het trouwe gebedsleven zijn de voedingsbodem van de Kerk.
- Missionaire focus vanuit sterke centra: De centrumkerken zijn missionaire centra. Hier wordt het geloof niet alleen beleefd, maar ook gedeeld en uitgedragen.
- Pastoraal is samenwerken: Pastoraal werk is niet het werk van één iemand, maar van samenwerkende krachten binnen een groter geheel. Het draait om verbinding, ondersteuning en gedeelde verantwoordelijkheid, zowel tussen geloofsgemeenschappen als tussen vrijgestelden (priesters, diakens en pastorale medewerkers) en vrijwilligers.
Wat is de eerstvolgende stap?
Tegen de zomer van 2026 willen we een tussentijds rapport klaar hebben. Het zal de mogelijkheden en beperkingen van een 'Kerk van knooppunten' omschrijven. In feite zal het rapport onze visie aan de realiteit toetsen. Meer dan veertig mensen hebben zich geëngageerd om in werkgroepen de visie te concretiseren. Ik ben hen echt dankbaar voor hun engagement.
Dat rapport wordt geen eindpunt, maar een bezinningsmoment. We zullen samen kijken naar wat mogelijk is en wat niet, waar we moeten bijsturen en welke nieuwe inzichten zich aangediend hebben. En daarna zullen we opnieuw luisteren naar elkaar in de Geest om verder te onderscheiden welke weg we gaan om samen de toekomst van onze Kerk vorm te geven.
'Vlam van liefde, hoop die ons doet leven.' We hebben tijdens het jubeljaar de hymne zo vaak samen gezongen. We voelden hoe de hoop ons dichter bij elkaar bracht. Laat ons vanuit die diepe verbondenheid de pastorale uitdagingen van de toekomst aangaan.
Op 6 januari 2026 eindigde het jubeljaar van de hoop. Maar de hoop blijft ons leiden op de weg naar pastorale vernieuwing. Laat ons 'veilig voortgaan aan Zijn hand.'
+ Lode Aerts Bisschop van Brugge