SINT-BRIXIUS
Jezus zoekt wat verloren was.
Jezus ging vaak op zoek naar wat verloren was, naar mensen die zich uitgesloten voelden. We kennen het verhaal van het verloren schaap en de verloren zoon. Hij bezocht mensen die er niet meer bij hoorden. ‘Deftige’ mensen vonden dat niet zo goed en werden een beetje boos op Jezus. Hij wist wat ze dachten en zag het op hun gezichten. Hij vertelde toen een verhaal.
Er was eens vader met twee zonen. De jongste zei: “Vader geef me de helft van jouw bezit” … Hij kwam als een armoezaaier terug. Toch was er feest… “Jouw broer is terug. Hij was verloren, we zijn weer bij elkaar.”
De mensen begrepen nu dat Jezus op zoek ging naar wat verloren was… en de vormelingen verkenden opnieuw een mooi bijbelverhaal.
Op de foto zie je de groep van catechiste Marieke en Alies, Julie, Obe en Lise.
Jezus gaf mensen de kracht om goed te doen.
De vormelingen verkenden een mooi bijbelverhaal.
“Heb je al gehoord wat die zoon van de timmerman van Nazareth nu heeft gedaan?” Wat die dag gebeurde werd een verhaal dat werd doorverteld.
Jezus kwam naar de streek waar Zacheüs, een tollenaar, woonde. Die tollenaar had al veel over Jezus gehoord. Het zou een bijzonder iemand zijn. Mensen die zich niet goed in hun vel voelden, zoals hijzelf, hoorden op en andere manier over god praten. Jezus zag God als een goede vader bij wie iedereen welkom was. Zacheüs wilde Jezus zien, hij wilde hem horen praten. Hij trok naar de straten waar Jezus voorbij zou komen. Het volk stroomde toe. Als ik Jezus wil zien moet ik in en boom klimmen, dacht hij.
En Jezus kwam … hij zag de kleine man nieuwsgierig naar hem kijken. “Dag vriend, hoe gaat het ?” zei hij. Je hoorde de mensen verbaasd reageren. Hij is een tollenaar, een zondaar. Laat hem maar in zijn boom. Toch praatte Jezus met Zacheüs, hij wilde vandaag nog bij hem op bezoek. De tollenaar ontving Jezus. Sommigen vonden het goed wat Jezus deed, anderen konden hun afkeuring niet onder stoelen of banken steken.
Wat Jezus en de tollenaar aan elkaar verteld hebben weten we niet. Maar Zacheüs voelde zich bij God opnieuw welkom. Hij beloofde dat hij geld aan de mensen die hij te veel liet betalen, het zal teruggeven.
Sommige mensen dachten: “Nu gaat Jezus toch te ver. Dat is niet volgens onze wet.” Maar anderen dachten: “Wat die Jezus nu gedaan heeft, is goed. God zal het graag zien. Jezus gaf aan Zacheüs de kracht om goed te doen.”
Op de foto zie Achiel, Emiel, Kate, Géraldine, Hannah en catechiste Tine.
het aan de vormelingen: Jezus geneest!
In februari bespreken de vormelingen in hun groepje het leven van jezus van Nazareth. Een van de bijbelverhalen waardoor ze Jezus beter leren kennen is het verhaal van de lamme. Je weet het wel, vier mannen brengen een lamme binnen in het huis waar Jezus is. In die zieke zat er niet veel beweging meer. Hij voelde zich gestraft door God. Die vrienden ven die lamme geloofden dat Jezus hun vriend weer de kracht zou geven om zijn leven weer zelf in handen te nemen.
Jezus zei: “Geef het niet op! Sta op!”
Op de foto zie je de groep van catechiste Evy met de vormelingen Lou, Louise, Cara en Dartagnan.