“Ik ben de deur en wie door mij binnengaat, zal gered worden. Hij zal vrij in- en uitgaan en voedsel vinden in overvloed.” (Johannes 10,9)
Er zijn in het leven velerlei soorten deuren waarlangs we naar binnen gaan. Laten we dat eens nagaan voor onszelf. Door welke deur gaan we het liefst naar binnen? Is dat de deur van ons eigen huis? Of de deur van goede vrienden, waarvan we weten dat we er welkom zijn en verwacht worden? Er zijn ook deuren die ons afschrikken. De deur van de dokter als ik me ziek voel. Of – voor kinderen - de deur van een nieuwe school, waar alles onbekend is. Voor oudere mensen kan dat de deur naar het rusthuis zijn. Niet elke deur trekt aan. Want altijd vragen we ons af: wat heeft deur mij te bieden als ik er binnen ga? Is het een deur die toegang biedt tot iets dat vertrouwen wekt, een verrijking voor mijn leven?
Een deur betekent dus heel veel in ons dagelijks leven. Een deur garandeert dat je een eigen plek hebt waar je je thuis mag weten, er geborgenheid en ruimte vindt. Niets zo erg als waar iedereen zomaar vrij in en uit bij je de kamer binnengaat. Zoals mensen dat soms ondervinden in rusthuizen. Maar een deur kan ook onze nieuwsgierigheid prikkelen, ons verlangen om te gaan kijken wat er daarachter is. Een nieuw jaar, een verjaardag, zijn in die zin ook deuren die zich openen en die ons in een nog te ontdekken, onbekende ruimte brengen.
Niet zo vreemd dus dat Jezus in het evangelie van volgende zondag (26 april) het beeld van de deur op zichzelf toepast. Als Jezus zegt dat hij de deur is waarlangs je binnen mag, dan klinkt daarin zijn uitnodiging om binnen te treden in de liefde van God. Om je te laten vervullen door de vergeving en genezing die je misschien zoekt, om aanvaarding te vinden van de mens die je bent. Wie binnengaat door de deur die Jezus is, vindt ‘leven in overvloed’, zegt het evangelie. En wie verlangt dat niet? Hij wijst ons niet terug, nee: hij roept ons allen bij naam. Hij kent ons bij naam, hij kent ons in het diepst van ons wezen dat we zijn. Hij is de stem die ons tot onze diepste wortels terugbrengt. Hij is de deur waar je binnen mag zonder kloppen. En die ons zo het vertrouwen geeft om weer naar buiten te gaan en Gods liefde uit te dragen bij de mensen om ons heen.
Jos Houthuys