De beginwoorden van het evangelie van zondag (28 juni) verrassen: het lijkt wel of Jezus jaloers is als we niet meer van hem houden dan van onze naaste familieleden (Matteüs 10,37-42). “Als je vader of moeder, zoon of dochter meer bemint dan mij, ben je mij niet waardig ...” Dingt Jezus met een soort jaloezie naar onze gunst, of is het toch wat anders?
Niemand die ons meer vrijlaat in de liefde voor hem dan Jezus. Hij heeft niets liever dan dat we voor hem kiezen, met heel ons hart en ons verstand. Maar niet zoals een jaloerse minnaar zijn partner helemaal opeist. Het hele evangelie door zien we hoe Jezus mensen net bij elkaar brengt en ze aan elkaar teruggeeft. Wat hij wil, is dat de liefde voor hem en voor God de stevige grond vormt voor elke andere relatie.
Dat klinkt wat zwaar, zo aan het begin van de vakantie. Maar heeft deze tijd van vakantie ook niet de bedoeling mensen weer dichter bij zichzelf en bij elkaar te brengen? Jezus wil niets liever dan dat. Als we ons leven aan hem en aan God toevertrouwen, zullen we ook beter in elke mens die we ontmoeten een broer of zus zien, iemand die beminnenswaard is. Als we hem in ons hart willen opnemen, zullen we ook een plaats geven aan wie onze weg kruist, in plaats van in de ander vooral een concurrent te zien.
Wat zo’n vorm van gastvrijheid voor de ander kan betekenen, vinden we mooi geïllustreerd in de eerste lezing (Kon2. 4,8-11.14-16a). De profeet Elisa is te gast bij een welgestelde vrouw. Meer dan haar wil om gastvrij te zijn, verlangt ze naar waarachtiger leven dat met geen geld te koop is. Ze heeft de wijsheid om in Elisa een man van God te zien, iemand die haar kan helpen om te leven met een hart dat open is voor God. Hij, God, zal haar leven kunnen vervullen. En in het verhaal gebeurt het ook. Zij, kinderloze vrouw, zal een kind aan haar hart mogen drukken.
Welke verlangens naar vervulling leven er niet in elk van ons? Mochten we dat eens weten van elkaar. Soms is het de nood aan stilte in de drukte van het bestaan. Of juist aan een woord dat de eenzaamheid doorbreekt en laat voelen dat je er niet alleen voor staat. Dat doet deugd, zoals een beker koud water deugd doet als je dorstig bent. Op een warme zomertocht bestaat er geen groter geschenk. Maar die beker staat ook voor zovele andere dingen wie we elkaar kunnen geven om onze dorst naar vervulling te lessen. Bij Jezus zijn we daarvoor aan een goed adres. Kiezen voor hem helpt ons te kiezen voor anderen. Er is niets dat ons leven meer kan vervullen.
Jos Houthuys