Jezus ging, moe, zomaar bij de put van Jakob zitten. Een vrouw kwam water putten en hij vroeg haar: “Geef mij te drinken!” De vrouw keek verwonderd en zei: “Hoe durft u, een Jood, mij, een Samaritaanse vrouw, te drinken vragen?” Jezus gaf haar ten antwoord: “Als je wist wie het is die jou dit vraagt, zou je míj te drinken hebben gevraagd. En ik zou je levend water geven.” (Johannes 4)
Er zijn altijd mensen bij wie je je spontaan op je gemak voelt. Ze doen niet gewichtig of ze kijken niet vanuit de hoogte. Zo moet de vrouw uit Samaria Jezus ervaren hebben (evangelie van zondag 8 maart). Hij laat zich gemakkelijk benaderen en aanspreken. Dat is voor haar als vrouw en bovendien Samaritaanse een bevrijdende vaststelling. Samaritanen en joden waren niet elkaars beste maatjes, om het zacht uit te drukken. En ook tussen mannen en vrouwen waren in de joodse samenleving nogal wat muren en grenzen. Jezus trekt er zich niets van. Integendeel, hij vraagt zomaar te drinken aan haar. De vrouw voelt haarfijn aan dat ze met een bijzonder iemand te maken heeft. Maar ook Jezus heeft door met wie hij te maken heeft: deze vrouw heeft geen gemakkelijk leven achter de rug. Hij moraliseert niet, beoordeelt haar niet, maar laat haar in haar waarde. Hij wil haar zelfs versterken in haar persoon zijn. Dat doet hij door te spelen met de betekenis van het woord water.
Water drinken we als we dorst hebben, zo verstaat ook de vrouw dat. Maar Jezus boort nog een andere betekenis van het woordje water aan. Er is ook water dat een andere dorst lest. De dorst naar erkenning en waardering, naar respect en aanvaarding. Dat water wil Jezus voor haar zijn. Door haar te laten verstaan dat ook zij kind van God is. Iedere mens is dat. Soms zijn we dat wat vergeten. Soms is die bron in ons opgedroogd, of er zit ijs omheen. Maar altijd weer kan die bron aan het stromen gaan. Iemand moet er ons soms aan herinneren. Of er ons weer doen in geloven. Het is een echt Godsgeschenk mensen te ontmoeten die die de bron in je weer aan het stromen helpen brengen.
Het was de ervaring van die Samaritaanse vrouw bij Jezus. Als wij even ruimhartig denken en doen als Jezus, geen harde grenzen trekken, luisteren naar wie anders zijn, kunnen ook wij voor elkaar levend water worden, een bron van geluk. Zoveel mensen zoeken naar het echte leven, naar wat het leven zin en inhoud geeft. Wij kunnen voor hen als levende oases zijn, eenvoudig door hen aan te kijken als kind van God, door hen te laten voelen: bij mij mag je zijn zoals je bent, ik wil het beste voor jou. En op onze beurt vinden wij die verkwikking bij hen die echt naar ons luisteren, die geduld hebben, die ons niet vastpinnen op onze fouten. Laten we daarvoor kijken naar Jezus, hij is de echte bron bij wie wij ons aanvaard mogen weten. Hij is het levend Water.
Jos Houthuys