Lieve broers en zussen,
Voor het eerst verschijnt Jezus als volwassen man in het openbaar. En eigenlijk weten we weinig over wat er aan die volwassenheid voorafging. We weten bijna niets ver zijn jeugd en zijn jonge jaren. Maar vandaag verschijnt Hij dus in het openbaar. Hij is dertig jaar oud en gaat vanuit Galilea naar de woestijn in Juda om door Johannes de Doper in de Jordaan gedoopt te worden. Hoe Hij weet dat Johannes in die woestijn oproept tot bekering wordt niet gezegd, maar de plaats van het gebeuren is ongeveer honderdveertig kilometer van Nazareth verwijderd. Even merkwaardig is dat Johannes Hem tussen die vele mensen herkent.
Maar wat er ook zij van al die onzekerheden, vandaag vieren we het doopsel van Jezus. En dat is merkwaardig, want Hij is toch geen zondaar? Nee, dat is Hij niet, maar Hij laat zich dopen omdat Hij samenhorig wil zijn met alle mensen, ook met zoekende mensen, en mensen met vragen en met schuld. Die mensen wil Hij nabij zijn. En wanneer Hij na zijn doop uit het water komt, daalt Gods Geest als een duif over Hem neer, en klinkt er een stem uit de hemel: ‘Dit is mijn geliefde Zoon, in Hem vind Ik vreugde.’ En zo weten we dat Jezus geen mensenkind is, maar de Zoon van God, die door Geest gezalfd wordt.
Dit evangelie gaat echter niet alleen over Jezus, maar ook over ons, want ook wij zijn gedoopt. En ook tegen ons heeft God bij ons doopsel gezegd: ‘Gij zijt mijn geliefde kind.’ Dat zijn we niet omdat we perfect zijn en altijd alles goed doen, maar omdat God een liefhebbende Vader is. En vanuit zijn liefde zijn we geroepen om licht te zijn, om recht te doen, om vrede te brengen. Om ons aan Jezus te spiegelen.
Na zijn doop zendt de Geest Jezus naar de woestijn. Daar stelt de duivel Hem op de proef door Hem uit te dagen zijn macht op alle mogelijke manieren alleen voor zichzelf te gebruiken, maar Jezus weigert dat te doen. Hij gaat de weg van liefde en vrede, van dienst, van hulp en vergeving. En dat is zending die ook wij krijgen bij onze doop: dat we die weg gaan. Dat we niet voor onszelf leven, maar voor God en voor onze medemensen. We weten dat dit niet altijd gemakkelijk is, zeker niet de dag van vandaag met zijn oorlogen, zijn polarisatie, zijn haatzaaierij en nog veel meer mensonwaardige dingen. Soms voelen we ons verward en onzeker. Soms lijkt de hemel gesloten en horen we Gods stem niet meer. Maar juist dan zegt Hij: ‘Gij blijft mijn geliefde kind. Niet omdat alles u lukt, maar omdat Ik trouw ben.’
Broers en zussen, het feest van het Doopsel van Jezus nodigt ons uit om altijd stil te staan bij onze eigen doopbelofte. Leven wij als gedoopte mensen? Durven wij vertrouwen op Gods Geest die ook aan ons gegeven is? Durven wij, net als Jezus, anderen nabij zijn, vooral wie kwetsbaar is? Laten we bidden dat dit feest ons helpt om altijd te beseffen wie wij zijn in Gods ogen. En laten we ook bidden dat de stem die boven Jezus klonk ook in ons hart blijft klinken: ‘Gij zijt mijn geliefde, in u vind Ik vreugde.’ Amen.