De doop van Jezus in de Jordaan is een moment dat ons stil doet staan bij wie Jezus werkelijk is. Hij, de Zoon van God, kiest ervoor om tussen gewone mensen te staan, in dezelfde rij, in hetzelfde water. Geen afstand, geen voorrecht, maar nabijheid en solidariteit. Wanneer Johannes Hem doopt, opent de hemel zich en de stem van God klinkt: “Jij bent mijn geliefde Zoon.” Dat woord van liefde klinkt vooraleer Jezus iets heeft gedaan, voordat Hij wonderen deed en voordat Hij begon te prediken. Het begint dus niet met prestatie, maar met de bevestiging een geliefd kind van de Vader te zijn. Precies daarin ligt ook onze hoop. Wij worden niet geliefd omdat we perfect zijn of omdat we veel hebben verwezenlijkt, maar gewoon omdat God ons ziet. De Geest daalt neer als een duif, zacht maar krachtig, een teken van nieuw begin. Zo begint Jezus’ weg: niet met macht, maar met overgave. En Hij nodigt ons uit om hetzelfde te doen: ons leven open te stellen voor Gods stem. De Jordaan wordt zo een plaats van keuze, van vertrouwen, van nieuw leven. Mogen wij, net als Jezus, luisteren naar die ene stem die zegt: “Jij bent geliefd.” En vanuit die liefde onze weg gaan in de wereld.