Aan de vooravond van Pinksteren willen we even mijmeren bij dit hoogfeest.
Toen de leerlingen van Jezus met Pinksteren bijeen waren en de deuren gesloten waren uit vrees voor de joden, werden zij opgeschrikt door een hevige wind. De wind is een beeld van Gods dynamische aanwezigheid. Het is de dynamiek in het leven van de mens.
Het Hebreeuws heeft hetzelfde woord voor wind, adem en geest. Adem brengt dynamiek in de mens. Het gaat over dezelfde adem uit het eerste bijbelboek, waar Jahweh Adam tot leven bracht.
Naast de wind die het huis van de leerlingen vervult, zijn er ook de tongen van vuur. Het vuur daalde neer over de hoofden van allen die verzameld zijn in het huis.
God daalt op hen neer, zoals ze daar rechtstaan in de paashouding, de houding van gebed. Dat Godsvuur heeft de gedaante van een tong. Het doet ons denken aan een ander Schriftwoord: “Het Woord was bij God, het Woord was God en het Woord is mens geworden”.
iWat is er menselijker dan de taal?
Het Pinksterverhaal spreekt over vurige tongen, vurige taal. Geen taal van kilte en koude berekeningen maar een taal die warmte, licht en leven geeft.
Opvallend is dat volgens dit verhaal de komst van de Heilige Geest de mensen opnieuw leerde spreken. De Babylonische spraakverwarring werd opgeheven. Men verstond elkaar weer. Het menselijk isolement werd opgeheven. Mensen konden weer met elkaar in contact treden, konden en durfden elkaar weer ontmoeten.
De Geest van Pinksteren is de Geest van eenheid en verzoening.
Het is diezelfde Geest die Jezus bezielde in heel zijn optreden, in heel zijn gegeven leven. “Mogen allen één zijn”, zijn woorden uit zijn testament!
Het is deze bede die wij christenen, telkens opnieuw, zeker in deze tijden van conflicten wereldwijd mogen of moeten herhalen voor eenheid, verstandhouding en begrip ook in onze gezinnen, in onze families, in onze geloofsgemeenschappen.
Moge deze goede Geest vrede brengen ook in ons persoonlijk leven, en overal op onze wereld waar mensen elkaar naar het leven staan. Denken we maar aan die vele plaatsen, brandhaarden, waar oorlog wordt gevoerd.
Diezelfde Geest heeft ook de leerlingen openlijk doen spreken over Gods grote daden: vrede, vergeving en verzoening. Vrede is hier echter meer dan afwezigheid van ruzie en oorlog. Vrede heeft ook alles te maken met vervulling, geluk en welzijn. Vrede is voor ons mensen de manier om met elkaar om te gaan. Vrede is de taal van Jezus Christus, de taal van zijn Geest.
Christenen hebben in onze tijd behoefte aan durf, moed en wat meer ‘lef’ om te spreken en te getuigen vanuit hun diepste overtuiging. Wij kunnen en mogen niet zwijgen over wat ons ten diepste bezielt. Een eerlijk, gelovig en overtuigd mens dwingt altijd respect af! “Wees niet bang, vrees niet” is een vaak terugkerende boodschap van de verrezen Heer tot wie hij ontmoette.
Met Pinksteren mogen we dan ook bidden om die Geest van vuur en wind.
Geest van God waai met uw adem door heel ons bestaan, kom met uw vurigheid hier in ons midden.
Bezaai met uw woorden de grond van ons hart, opdat in ons leven uw schepping geschiedt.
Amen.
Deken Raf Vermeulen