2e Paaszondag - Beloken Pasen
12 april 2026
Lezingen
- Hnd 2, 42-47 (Zij waren eensgezind en ijverig in het breken van het brood)
- Joh 20, 19-31 (Acht dagen later kwam Jezus)
Homilie
Beste medegelovigen,
Het woord van vrede dat Jezus herhaaldelijk tot zijn vrienden richtte na zijn verrijzenis, na zijn opstanding met pasen, zeker niets te vroeg.
Ze hadden het zwaar te verduren gehad die voorbije dagen.
Het paasfeest, het laatste avondmaal, was voor hen als een nachtmerrie geëindigd.
De dood van Jezus had hen ontredderd en met ontelbare vragen achtergelaten.
Hoe kon het toch, dat deze Jezus dit lot moest ondergaan?
Ze kwamen samen, schuilend bij mekaar, woordeloos zoekend naar begrip, biddend misschien om nieuwe kracht, terugdenkend aan alles wat Jezus hen gedurende de voorbije jaren had gezegd, had geleerd.
Hun samenzijn was dan ook niet meer dan een gewoon menselijk rouwproces. Alhoewel…
Binnen dit menselijk rouwproces blijkt zich een dynamiek te ontwikkelen.
Een goddelijke dynamiek zo sterk dat Johannes ons in zijn evangelie bijna argeloos komt te vertellen dat ‘Jezus bij hen binnenkomt’.
Die bijzondere geloofservaring waarbij ze de kracht van de Geest over hen voelen neerdalen, laat hun angst, hun twijfels en vragen verdampen en plaatsmaken voor de vlam van het paasgeloof die ons doet uitroepen: Jezus leeft!
Zo kan het ook ons vergaan.
Zo kunnen ook wij pijn en angsten, verdriet en tegenslagen de baas,
als we maar de volledige ‘Paas-weg’ afleggen.
De weg doorheen de Hof van Olijven en zo via Golgotha over Stille Zaterdag heen naar Pasen.
Net als Jezus met een groot vertrouwen en een onuitputtelijk geloof
midden in de pijn gaan staan en je daar openstellen voor Gods aanwezigheid.
De kracht ervaren van de Geest en de smaak van Gods barmhartigheid.
Jammer dus dat Thomas dat heeft gemist. Waar was hij dan?
Wat zou hem dan zo beziggehouden hebben dat hij zelfs niet bij zijn vrienden wilde zijn?
Ach, we kunnen hem best begrijpen.
Ook hij ging gebukt onder de zware teleurstelling van de dood van Jezus.
Een fiasco was het geworden.
Teleurgesteld was hij misschien wel op de eerste plaats in zijn eigen goedgelovigheid.
Neen, hem zou het alvast niet meer overkomen.
Nooit zou hij zich nog laten ompraten door een zogenaamde wereldverbeteraar.
Maar zijn vrienden konden hem uiteindelijk toch gedeeltelijk overhalen. ‘Gedeeltelijk’, want wat was dat nu weer? Jezus verrezen?
De gekruisigde die weer leeft en die z’n makkers zelfs hebben gezien?
Daarop reageert Thomas als een mens van vandaag:
“Eerst zien en dan geloven”, zegt hij.
En dat wordt hem gegund.
Ook Thomas krijgt hetzelfde woord van vrede te horen.
Ook hij ervaart nu diezelfde goddelijke dynamiek die hem doet uitspreken:
“Mijn Heer en mijn God”:
Dit is één van de mooiste geloofsbelijdenissen die de Schrift rijk is.
“Leren zien, niet met je ogen en handen,” zegt Jezus, “maar met je hart en je ziel. Met je gevoel en je geloof.”
Zien met het hart, het is de gave van de geest, Pinksteren.
Het is dàt echte zien, waar Jezus het al vaker over had gehad.
Laat dat ook voor ons de opdracht, de levenshouding zijn: zien met het hart.
Amen.
Reacties
Om reacties te zien en te reageren op dit artikel moet je je eerst even aanmelden via het menu bovenaan. Tot gauw.