Soms gaat de weg
doorheen leegte en woestijn.
Je zegt: ik kan niet meer ...
- ontmoedigd, moe, eenzaam -
ik ben van God en mens verlaten.
Maar je weet
- heel diep in je -
dat leegte en woestijn niet dienen
om in te wonen
maar om er doorheen te trekken.
Het is tussentijd,
doortochtland
naar wat de mens beloofd is ...
Je weet niet hoelang de weg is
die een mens moet gaan.
Maar je weet wel:
als je vertrouwvol opstaat en verder gaat
dan kómt gaandeweg het land,
het huis om in te wonen dichterbij ...
Gelukkig ben je
als je niet heel alleen
doorheen woestijnen moet.
Ward Bruyninckx