Twee weken geleden mochten we de Goede Week en Pasen vieren. We kunnen terugblikken op mooie en intense vieringen in onze verschillende parochies. Grote dank aan allen die zich hebben ingezet voor de verzorging van de kerken, aan de actoren in de liturgie en aan alle medewerkers. Wanneer er samen wordt gewerkt aan een werk dat ons overstijgt, kan de hoop oplichten: licht dat de duisternis verdrijft, liefde die de dood overwint.
In de komende weken zullen we in de liturgie lezen uit de Handelingen van de Apostelen en verschillende verrijzenisverhalen horen. Laten we ons daarin onderdompelen. Zo kunnen we ons samen meer en meer openstellen voor de komst van de Heilige Geest met Pinksteren.
In Otheo werd gemeld dat in ons land steeds meer jongvolwassenen zich laten dopen: 689 in heel België. Dat is positief. Toch moeten we daarbij een kanttekening durven plaatsen. In Frankrijk zijn er bijvoorbeeld 21.000 catechumenen, bij een bevolkingsaantal dat ongeveer zeven keer zo groot is als dat van België. Waar komt dat verschil vandaan? Vooreerst is de secularisatie in Frankrijk enkele decennia eerder begonnen. Het dopen van baby’s is er proportioneel sneller afgenomen dan bij ons. Ook werd er pastoraal eerder ingezet op evangelisatie. Bij ons bleef men baby’s in grotere aantallen dopen, zonder dat er evenveel mensen aansloten bij de kerkgemeenschap. Dit zijn de zogenaamde doopsels uit traditie.
Daarom zetten we als kerkgemeenschap meer in op het begeleiden van jonge ouders en huwelijkskandidaten, zodat zij het evangelie en de paasvreugde kunnen proeven en de weg van onderscheiding kunnen gaan.
Een interessante groep die steeds vaker naar de Kerk toekomt, zijn jongeren, al dan niet als baby gedoopt. Ze behoren vaak tot generatie Z. Het zijn jongeren die merken dat ze botsen op leegte, vragen hebben en weinig antwoorden krijgen. Vaak hebben ze thuis weinig of niets van het geloof meegekregen, zijn soms ontgoocheld in de godsdienstles en gaan zelf op zoek, bijvoorbeeld op internet. Ze verlangen naar antwoorden en naar gesprekken over geloof, en nemen geen genoegen met oppervlakkige reacties.
Ze dagen ons uit om over ons geloof te spreken en er rekenschap van te geven. Hier ligt een nieuwe uitdaging voor elke gedoopte vandaag: zich het geloof eigen maken als een manier van leven, als leerling van Jezus; Hem beter leren kennen; het geloof vieren en groeien in gebed en in het lezen van de Bijbel. Maar ook om dat geloof uit te dragen door inzet voor onze medemens, niet omwille van onszelf, maar omwille van Christus, die voor ons geleden heeft, gestorven en verrezen is. De verhalen in deze paastijd kunnen ons daarbij helpen.
Ook de vieringen van de eerstecommunicanten en de vormelingen dienen ons uit te dagen om nieuwe wegen te gaan die vertrekken vanuit een evangeliserende houding, en niet meer vanuit voorondersteld geloof. De verrijzenisverhalen bieden ons hierbij inspiratie. Want dit was ook de houding van de eerste Kerk en de reden waarom de evangelies geschreven zijn.
Deken Emmanuel