Niet ons kleine hart heeft God als eerste gezocht.
Hij was ons vóór - stil, geduldig, liefdevol.
Nog vóór wij konden antwoorden, legde Hij liefde in ons neer
als een vuur onder de as, als adem in een vermoeide ziel.
"Heb elkaar lief," zegt Jezus, maar niet als een koude wet.
Wel als een rivier die eerst door Hemzelf naar ons toe stroomt.
Wij hoeven de liefde niet te maken,
alleen haar niet tegen te houden.
Want wij zijn kwetsbare mensen, bang en begrensd.
Daarom geeft Hij ons zijn Geest - een Trooster aan onze zijde,
een zachte kracht die ons draagt wanneer wij falen.
Zo begint alles niet met onze liefde voor God,
maar met de ontdekking dat wij eerst bemind zijn door Hem.