Feest van ontmoeting
15 augustus mogen wij weer dit bijzondere Mariafeest vieren en luisteren naar het verhaal van Maria die op weg gaat naar haar nicht Elisabeth. Piet Stienaers, een pater van Don Bosco, schreef in zijn boekje Ze noemden mij Maria over deze vreugdevolle ontmoeting met Maria in de persoon van verteller. ‘Een tijdje later hoorde ik dat Elisabeth zwanger was. Zij was de veertig al voorbij en had de hoop al opgegeven nog kinderen te krijgen. En nu toch! Wat zal ze gelukkig zijn! Ik ben haar gaan helpen want haar man Zacharias was priester in de tempel en daardoor druk benomen. En ze had echt hulp nodig. Eigenlijk was ik liever thuisgebleven en had me daar rustig voorbereid op ons huwelijk en de geboorte van Jezus. Ik ging ook niet graag zo lang van Jozef weg. Maar ja, in zo een geval ga je helpen. Dat is toch normaal. We hebben uren met elkaar gepraat. Elisabeth was, zeker dankzij haar man, vertrouwd met de Schriften. En al pratend met elkaar begon ik meer inzicht te krijgen op wat mij overkomen was. Een avond, rustig onder de sterren, kwamen de woorden waarmee onze voorvaderen eeuwenlang gebeden hadden zomaar in mijn hoofd. Ik was verheugd en blij, mijn geluk kon niet op en ik heb gezongen: “Mijn hart is gelukkig om de Heer want Hij ziet glimlachend op mij neer, ook al ben ik maar een kleine vrouw uit ons volk.” Na de bevalling van Elisabeth ben ik naar Nazareth teruggekeerd.’
Een heel bijzondere ontmoeting is dit tussen Elisabeth en Maria, want beiden zijn ze zwanger en dragen nieuw leven in zich. Voor Elisabeth was alle hoop om ooit moeder te worden vervlogen, zij droeg de vreugde en de pijn van het leven, getekend en wijs geworden. Voor Maria moet alles nog beginnen, een toekomst die ze nog niet kent noch vermoeden kan, dromen en verwachtingen, maar ook angst over hoe die belofte van een geboorte vorm zal krijgen en wat er van dat kind zal worden later. Zoals vaak in de geschiedenis van God met zijn volk wordt het nieuwe leven onverwacht aangezegd. Voor de Schepper van alle leven is niets onmogelijk.-Dat mogen ervaren is voor Elisabeth en Maria de bevestiging van het geloof van hun volk dat God er is voor alle mensen, in het bijzonder kleine en ongeziene mensen. Ze herkennen in mekaar wat God met mensen doet. Beiden dragen ze dat broze, nieuwe leven in zich. Beiden dragen een zoon met een bijzondere opdracht, nog onzichtbaar en onbekend, maar hun geloof draagt hen. Ze dragen in hun lichaam de sporen van hun ontmoeting met God. Elisabeth bevestigt Maria in haar vrouw zijn: ‘Gezegend zijt gij onder de vrouwen en gezegend is de vrucht van uw schoot.’ Het zijn woorden die deel uitmaken van het Weesgegroet. Hun zwangerschap laat ons de zorg van God voor mensen zien. De baarmoeder die het kind omgeeft en laat groeien beeldt ook de liefde van God voor ons mensen uit. Maria toont ons ook dat ons geloof ons in beweging zet. Ze had veilig kunnen thuisblijven, zodat haar niets zou kunnen overkomen. Neen, ze trekt eropuit, naar haar oudere nicht Elisabeth, daar moet ze zijn om hulp te bieden bij de aanstaande bevalling. God ontmoeten, in Hem geloven, doet ons naar buiten treden, weg uit de veilige cocon, uit het vertrouwde. Zo krijgt ons geloof ook zuurstof en zal het aanstekelijk werken. Daarom is Maria een voorbeeld geworden voor ons. Ze roept ons op om verantwoordelijkheid te nemen in de onze Kerk vandaag; in onze geloofsgemeenschap, in ons gezin, op ons werk, in een beweging, in een engagement.
In deze vakantietijd ontmoeten we vaak mensen die we nog niet kenden. We luisteren en spreken en vertellen ons verhaal aan elkaar. Hoe we met vallen en opstaan groeien als mens en als christen. Opnieuw ontdekken dat God grote dingen doet aan gewone mensen. Want tussen hen wil Hij wonen en Hij wil hen uitnodigen om mee te bouwen aan zijn Rijk, waar het er heel anders aan toe gaat dan in de wereld. Bij Hem gaat het om andere eigenschappen: deemoed tegenover bezit, dienst tegenover macht, ontvankelijkheid tegenover geldingsdrang. Als je zulke mensen ontmoet gaat je hart warm worden en vreugde smaken en zing je wellicht een Magnificat. Dit feest is ook het feest van de ontmoeting van Maria met haar Schepper, degene die haar uitnodigde om mee te werken aan dat grootse plan. We vieren dat ze mag thuiskomen bij de Heer. Hij sluit haar in zijn armen. Ooit worden we daar ook verwacht bij Hem. Laten we intussen in haar spoor meewerken aan zijn Rijk van vrede, liefde en gerechtigheid. In de vriendschap, in de onderlinge liefde en zorg voor mekaar zal men ons herkennen als christenen. Moge ons geloof ons op weg zetten zoals Maria. In de ontmoeting ligt de vreugde en de herkenning dat God met ons bezig is. Een zalighoogfeest toegewenst!
Pastor Guido