We zijn reeds een week verder na Pasen. Men noemt deze eerste zondag na Pasen “Beloken Pasen”. Het woord “beloken” is het voltooid deelwoord van “beluiken”, het tegengestelde van “ontluiken”. Het betekent dus afsluiten, zoals men de luiken voor het venster sluit. Dit beeld van “luiken” past goed met het gebeuren van het open graf als eerste teken van de Verrijzenis van Jezus. Het graf werd gesloten, maar bleek terug open te zijn. De grote steen was weggerold. Het open graf is ook een beeld voor ons hart dat we steeds geopend moeten houden voor de liefde naar anderen, en van anderen ons, wat er ook in het leven gebeurd.
Het geloof in de Verrijzenis is volgens Paulus essentieel voor ons geloof. Geloven in het latijn is “credere”, wat letterlijk betekent “je hart geven” (cor dare). In de Griekse filosofie is er het bekende verhaal van Plato over de grot. Mensen zitten in een grot naar de figuren op de muur te staren, maar beseffen niet dat het licht dat de grot invalt achter hen die figuren tot stand brengt. Door zijn verstand/hart te keren naar het licht (de ideeën), zo zegt Plato, kan men de waarheid kennen. Geloven is zo ook “zich keren naar het licht (liefde) van God” terwijl we in de wereld staan. Sommige mensen hebben hun hart gesloten voor anderen die hen zeer hebben gedaan, emotioneel en/of fysiek. En toch moeten we blijven liefhebben. Maar hoe doen we dat?
Als christenen willen ook wij barmhartig zijn, zoals Jezus was. Als we naar Jezus kijken, dan zien we bijvoorbeeld dat hij er voor iedereen is. Dat is het verhaal van de Bruiloft van Kana. De goede wijn die hij miraculeus maakt is voor iedereen aanwezig, niet voor een één bepaalde groep alleen. Zo is ook iedereen welkom in de Eucharistie. Je hart openzetten voor iedereen is dus de eerste stap. Een tweede lering uit Jezus’ leven is dat hij aandacht heeft voor mensen in nood. Hier komt het verhaal van de Barmhartige Samaritaan naar voren. Mensen nabij zijn in tijden van nood is de tweede stap van liefhebben: ons hart openstellen voor elke noodlijdende. En dankbaar blijven voor de persoon die jou geholpen heeft. Hier kunnen we kijken naar Jezus en de tien melaatsen, waar slechts één van hen terug kwam om Jezus te bedanken. Dat is de derde stap. Zo blijft ons hart dankbaar open voor hen die barmhartigheid hebben getoond en is een inspiratie om hetzelfde te doen. En tenslotte, en dat is het moeilijkste, kunnen loslaten en voortgaan. We mogen niet gehecht blijven aan mensen omdat we hen voortgeholpen hebben als ouder, als priester, als arts, als leraar enz. Jezus wilde naar het volgende dorp gaan prediken, en niet daar blijven waar hij succesvol was en mensen had kunnen helpen. Dit vraagt voor een hart dat altijd gelijkmoedig is en kan afstand doen. Let go, let God (laat gaan, laat God), moet je dan denken.
In het Jubeljaar 2000 riep paus Johannes Paulus II de zondag van Beloken Pasen uit tot feestdag van de Goddelijke Barmhartigheid. Dit was ter gelegenheid van de heiligverklaring van Zuster Faustina Kowalska die dat verlangen van de maagd Maria zelf vernomen had. In het genadebeeld van de Barmhartige Jezus, gebaseerd op de visioenen van Zuster Faustina in 1931, hebben de twee stralen die uit Jezus’ hart komen een diepe symbolische betekenis. De witte straal staat voor het water dat de zielen rechtvaardigt. We zien dat in het sacrament van de doop en biecht. De rode straal staat voor het bloed dat leven geeft aan de zielen. Het refereert naar de Eucharistie en het offer van Jezus aan het kruis. Beide stralen kwamen voort uit de diepste van Jezus’ barmhartigheid op het moment dat zijn hart aan het kruis door een lans werd geopend op het kruis. Zo houdt ook de Verrezen Heer, als voorbeeld voor ons allen, zijn hart wijd open voor de wereld en mensen, ook al werd het met een lans doorstoken.
Maar ook Maria helpt ons. Tijdens mijn legerdienst was ik met miliciens in Lourdes om er de zieken te helpen. Op een zekere dag was er én van de jonge miliciens die aan het huilen was tijdens het avondeten. Men lachte met hem. Na het eten vroeg ik hem wat er was. Hij zei: “Ik was voor de grot aan het bidden en het was alsof mijn hart 180 graden keerde.” Het waren tranen van intense vreugde want zijn hart werd door het gebed volledig geopend. Biecht, gebed, eucharistie, het zijn allen manieren om ons hart open te houden of open te maken en de liefde aan de naaste te geven, een liefde die van God komt, zuiver en niet ik-gericht.
Pastor Peter