Woorden van Frie in naam van de ploeg
Vandaag, 4 januari 2026, beleven we een wat bijzondere zondag, zoals dat heet. Een bijzondere eerste zondag van de maand. Eigenlijk een bijzondere viering op de eerste zondag van de maand.
Vandaag vieren we ons geloof in God en ons menselijk bezig zijn zonder Paul als voorganger. Een fait accompli van de tijd, zou een bekend kerkjurist het noemen en in mensentaal heet dat dan: het onvermijdelijk of onomkeerbaar resultaat dat het gevolg is van de tijd die traag maar zeker zijn gang gaat.
Velen onder ons kennen Paul en zijn statige verschijning, zijn warme stem, zijn manier van zingen, zijn manier van brood breken, zijn mooie tekeningen en zijn handschrift en zeker ook de kleine momentjes waarop hij soms zomaar ineens iets aangeeft dat iets of iemand hem beroert, het was en is zijn manier om mensen en dingen te laten oplichten.
In zijn voorgaan gaf en geeft Paul woorden aan een God die zich openbaart in de luwte, nooit belerend, nooit dogmatisch. Een verademing was en is het nog steeds voor velen.
Zijn lichaam spreekt nu duidelijke taal, kennelijk. De energie en zeker ook de spirit die nodig is voor het voorgaan is er nog wel, maar moet bewaard worden voor andere zaken.
Paul, het laatste wat je wil is een groots gebeuren. Daarom, vandaag een zacht en stil erkennen van jouw rol, inzet en onuitwisbare stempel als voorganger in liturgie in ons Coloma en ver daarbuiten.
Dank u wel, Paul, voor uw jarenlange inzet als voorganger.
…Luid applaus en een staande ovatie vulde onze kerk…
Onze toch niet zo stille erkenning willen wij toch ook uitdrukken met enkele kleine attenties: een kunstwerkje van Jan Smets en een beetje leesvoer eventueel voor lange winteravonden… en als supplementje een geheugenstick met de belangrijkste fragmenten van jouw laatste viering hier op Kerstdag.
Paul nam nog even zelf het woord, duidelijk ontroerd door ons enthousiasme. Hij bedankte iedereen en beloofde om als ‘gewoon parochiaan’ trouw te blijven komen naar de vieringen.
Voor wie Paul nog beter wil leren kennen volgen hier enkele fragmenten en bedenkingen uit een interview dat Jan Smets een aantal jaren geleden van Paul afnam:
Een blad nam hij nooit voor de mond. Vrank en vrij zei hij steeds zijn gedacht. Ongebonden. Niet om zomaar wat te rebelleren, maar omdat hij als visionair priester al héél vroeg zag hoe de Kerk evolueerde. Hij begreep vele jaren geleden dat we naar een andere Kerk aan het groeien waren.
“Ik zag het in de jaren zeventig aankomen. Vooral tussen ’70 en ’75. Het aantal seminaristen daalde zienderogen. Het besef was er toen al dat we naar een priesterarme Kerk gingen…”
Visionair als hij was, leerde hij zijn parochianen hoe ze best op een andere manier konden vieren om de boodschap van Jezus door te geven.
“Je moet vertrouwen hebben in mensen. ‘Leken’ is een afschuwelijk woord. Bij mijn aanstelling zei ik dat ik samen met mijn parochianen op weg wou gaan. In bondgenootschap. Solidair. Ik zag de status van priester anders. We moesten durven nivelleren. Hier en daar voelde ik dat hierop wat kritiek kwam. Misschien was de tijd hiervoor nog niet rijp. Maar ik wou meer nog dan mijn voorgangers met mijn mensen ‘mee-gaan’.
Voordat Paul in 1971 werd aangesteld in de Mechelse Sint-Jozef-Colomaparochie was hij leraar in het Sint-Romboutscollege. Later werd hij onderpastoor in Opwijk – in zijn geboortestreek. In Coloma volgde hij pastoor Xaveer Verbruggen op die verhuisde naar de Vilvoordse Far West.
Het was het begin van een mooi verhaal. De parochie had een sterke samenhang en verenigingsleven.
“Ik heb impulsen kunnen geven aan wat was en geloofde in de veerkracht van mensen. Ik sprak hen persoonlijk aan om mee de hand aan de ploeg te slaan. Letterlijk en figuurlijk: in de parochieploeg probeerde ik een dwarsdoorsnede van de parochie te krijgen: man en vrouw, uit alle geledingen. Ik wou niet alles zelf in handen nemen. Ik delegeerde en gaf mensen handen en voeten.”
Enkele jaren geleden drukte Paul het zo uit: ‘De Kerk kijkt te veel achteruit. Ik wil vooruit kijken!’. Hij vulde het later zo aan:
“Wie de hand aan de ploeg slaat en achterom kijkt, is niet geschikt voor het Rijk Gods.”
Paul Van Steen mag met recht en reden de architect worden genoemd van deze bruisende en levende gemeenschap. Ook in de liturgie kwamen vernieuwingen. Zelf heeft Paul de gave van het woord, maar hij tilde mensen op. “Jij kan dat!”. Hij liet mensen groeien en begeleidde hen in het voorgaan in vieringen. Als in Coloma nu geen priester voorhanden is voor een viering slaat men niet in paniek, maar nemen de goed gevormde liturgische groepjes het probleemloos over. Dat is een verdienste van Paul. Hij heeft deze gemeenschap hierin uitstekend gevormd.
Als man met een groot artistiek aanvoelen vond hij een mooie, eigentijdse liturgie belangrijk. Met aandacht voor muziek, bloemen, vormgeving. Dit alles werkte volgens hem versterkend.
De formule werkte en werkt nog steeds. Gelovigen leerden hier het roer zelf in handen te nemen. Paul gaf de Kerk toekomst. Paul was een ‘dwarsligger’ met overtuigingskracht. Vaak dacht hij nét wat anders dan de officiële Kerk. Op de hiërarchische Kerk had hij het nooit zo begrepen.
“Als priester voelde ik me vaak op twee stoelen zitten. Ik ben dan wel een officiële voorganger van de Kerk. Ik val ze ook niet aan. Maar toch worstel ik vaak met het instituut, dat soms te dogmatisch denkt. Ik ent me vooral op Jezus en zijn unieke boodschap. Natuurlijk moet je alles ook in het licht van de geschiedenis zien. Elke tijd heeft zijn tekortkomingen. Maar heel zeker werden in mijn opleiding tot priester in het Sint-Jozefseminarie in Sint-Katelijne-Waver kansen gemist.”
Positief kritisch… Het zat er van jongsaf in. Het verzetten van bakens ook. Geen verkrampt conservatisme.
Paul was een vernieuwer. Van in het begin. Hij was een priester die de vensters wou opengooien in de geest van het Vaticaans Concilie.
“Ik haal één voorbeeld aan: we hebben de klassieke biechtviering omgevormd tot boeteviering. Omgeturnd tot een ‘positieve zelfbevraging’, als een eigentijds ritueel– een bezinning over onszelf en de samenleving. “
“Ik wou nog andere wegen inslaan en me inzetten op andere terreinen. Zo ben ik aan de slag gegaan op het Vicariaat Mechelen en Vlaams-Brabant. Catechese was altijd een stokpaardje van mij. En hier kon ik hieraan werken. Zoals het Vormsel op 17 jaar.”
“Ik denk zeker niet negatief over de toekomst van de Kerk. Natuurlijk zitten we nu in een zogenaamd dieptepunt. Het aantal kerkgangers neemt af. Dat zie je overal. Maar de Kerk heeft altijd in een curve gezeten. De slinger slaat wel om. Maar het zal in andere vormen zijn. Mensen blijven een grote gevoeligheid hebben voor vrede, voor al wat goed is, voor een betere verstandhouding, voor samen-leven… Zie maar eens hoeveel mensen opstapten voor het Vredeslicht onlangs… Geloof is niet weg. Het uit zich anders. Ondertussen moeten we mekaar niet los laten en mekaar bemoedigen!”
Het spreekt van veel vertrouwen in onzekere tijden. Van hoop en geloof. Zonder de minste krampachtigheid.
“Ik wil vooruit kijken!”
Het typeert Paul hélemaal: de voorganger die altijd tussen de mensen stond en mee de weg op ging – zoals hij het zoveel jaar geleden ooit beloofde.
Nog een laatste dankwoord:
Zoveel jaar ging Paul met ons op weg - niet als leider maar eerder als bezieler – een herder die niet voorop liep, maar tussen zijn schapen. Charismatisch, bemoedigend en visionair. Paul was een priester die een onuitwisbare stempel heeft gedrukt op onze parochie. Hij heeft ons allen letterlijk naar voor geroepen, om mee verantwoordelijkheid te nemen, onze krampachtigheid of angst los te laten en mee voor te gaan in vieringen. Want een geloofsgemeenschap mag niet staan of vallen door de afwezigheid van een priester, maar moet gedragen worden door ons allen. Dit kerkbeeld en deze visie heeft hij ons ingeprent en voorgeleefd. Wellicht is dit naast de vele andere uitingen van zijn multitalent zijn grootste verdienste?.
Na wijs beraad heeft Paul nu besloten om een stap terug te zetten. Ook al is deze beslissing weloverwogen: het zal gepaard gegaan zijn met zeker emoties. De laatste Kerstviering in onze kerk was ook zijn laatste waarin hij voorging als priester…
Een tijdperk is hiermee afgesloten. Maar… wat mogen wij gelukkig en dankbaar zijn om hem zovele jaren onder ons te hebben gehad – om ons te enthousiasmeren en op weg te zetten – om ons te leren geloven in ons kunnen – om samen Kerk te zijn – steen voor steen.
Dit alles is van onschatbare waarde. We zullen dit blijven koesteren.
Bedankt Paul dat je onze gemeenschap zo lang op handen hebt gedragen!