Zending van Jan Thomassen als vrijwilliger in de gevangenispastoraal in Mechelen vanuit Onze-Lieve-Vrouw-over-de-Dijle
Zondag 6 september was er de startviering van het werkjaar in Onze-Lieve-Vrouw-over-de-Dijle. In deze viering heeft Jan Thomassen getuigd waarom hij als vrijwilliger aan de slag gaat in de gevangenispastoraal in Mechelen. Hij is afkomstig uit Limburg en woont sinds één jaar samen met zijn vrouw Marijke naast hun dochter in Hombeek. Vanaf toen komen ze geregeld naar de zondagsviering van O.-L.-Vrouw over de Dijle. Zo getuigde Jan:
“Ik ben voorheen altijd erg betrokken geweest bij parochiewerking en koor. En beroepsmatig was ik ook “Pastor” of geestelijk verzorger in een revalidatiecentrum. Nu ben ik gepensioneerd en wil me graag nog inzetten voor Jezus en zijn Kerk.
Zo volgde ik in december 2025 een informatieve avond i Mechelen over de visie op het gevangeniswezen en het probleem van de overbevolking. En dat heeft me aan het denken gezet.
Jullie zingen in de viering van Onze-Lieve-Vrouw-over-de-Dijle op het einde vaak “ Ga tot het einde der aarde, tot het uiterste. Daar zal liefde zijn. Ga!” Nu heb ik hier in Mechelen ontdekt waar dat einde der aarde is. Het ligt net buiten de ring. Het is de plaats waar we mensen naar toebrengen die we kwijt willen uit onze maatschappij en die we liever een tijdje niet meer zien. Het is de gevangenis: het einde der aarde, want daar laten we hen van de wereld vallen.
Maar Jezus vraagt ons niet om mensen op te sluiten. Jezus zoekt mensen in nood op en Hij verwacht dat wij dat ook doen. Dat zie ik hier in Mechelen ook als mijn opdracht. Maar ik ben oud, heb mijn beste jaren achter mij en ik ben een generatie ouder dan de gedetineerden. Ik heb nooit te maken gekregen met geweld en daar heb ik schrik van. Ik ken wel alles van ziekenhuizen, maar nog niets van het reilen en zeilen in het gevangeniswezen. En ik stel me de vraag wat ik voor die jonge gasten kan betekenen. Ik voel me onzeker, een beetje bang voor het onbekende. En ik voel dat ik het niet alleen kan.
Daarom wil ik Gods zegen en jullie steun vragen. Ik vraag dat jullie af en toe eens aan me denken en in gedachten met me meegaan zodat ik op de juiste ogenblikken de goede woorden vind om mensen bij te staan. Zodat ik genoeg tijd kan nemen om te luisteren. Zodat ik me veilig kan voelen bij hen waarvoor anderen me waarschuwen. Zodat ikzelf ook voldoening en plezier kan beleven bij mensen waarbij je dat niet zou verwachten.
Volg mij aub tot het einde der aarde.”
Nabeschouwing van Jan Thomassen: “Ga tot het einde der aarde, tot het uiterste, daar zal liefde zijn. Ga!”
“Na de deugddoende viering in de kerk van Onze-Lieve-Vrouw-over-de-Dijle, bleef de tekst van dit korte lied als een oorwurm in mijn hoofd hangen, en ik ontdekte dat ik een belangrijk tekstdeel niet tot het mijne gemaakt had. “Daar zal liefde zijn!!!”
Ik heb mij niet gerealiseerd dat ik toch met volle vertrouwen kan gaan, want er zal Liefde zijn. Liefde met een hoofdletter, want God zal daar zijn voor mij en voor de bewoners van de gevangenis. Ik hoef dus echt niet zoveel schrik te hebben. Ik kan tot het uiterste gaan. Alles komt goed, want er is Iemand die voor me zorgt, tenminste als ikzelf mijn best doe om te handelen zoals hoort in de gevangenissituatie.
Liefde zal er zijn en die moet ik meenemen vanuit mezelf en vanuit de mensen waarmee ik verbonden ben. Liefde is er eveneens tussen gedetineerde mensen. Ook zij hebben een hart en de mogelijkheid om lief te hebben, hoewel hun mogelijkheden om goed te doen erg beperkt worden.
Liefde is er, omdat God er is in elke mens.
Dus met een gerust hart ga ik tot het einde der wereld, tot het uiterste. Samen met de mensen die me in gedachten en in gebed steunen en met de hulp van onze God.”