O God! O Jezus! O Moeder Maria!

Beste parochianen van Lokeren en omstreken,
Beste allen, herken je dit? Je loopt ergens, genietend van het Lokerse zonnetje, en plots bots je ergens tegenaan. Wat floept er dan uit? Grote kans dat het geen nuchtere "oeps" is, maar een sappige "O God!", "O Jezus!" of "O Moeder Maria!". Geen vloek, toch?
We gebruiken deze uitroepen aan de lopende band: bij paniek, diepe bewondering, intense frustratie, of gewoon als de soep overkookt. Maar waarom roepen we eigenlijk massaal de hemel aan als er hier beneden iets misgaat? Laten we eens in de geschiedenis duiken van deze topdrie.
Vandaag de dag rollen deze woorden er vaak uit zonder dat we erbij nadenken, maar dat was vroeger wel anders. Oorspronkelijk waren deze uitroepen pure, oprechte schietgebedjes. In de vroege middeleeuwen, toen het geloof het hele dagelijkse leven bepaalde, zochten mensen in tijden van nood meteen steun van bovenaf. Was er storm op komst die de oogst dreigde te vernielen? Dan klonk er een hoopvol "O God, sta ons bij". Was iemand doodziek? Dan riep men "O Jezus, ontferm u".
Maria had (en heeft nog steeds) een heel speciaal plekje in ons Vlaamse hart. Als de ultieme moederfiguur werd zij aangeroepen voor troost. "O Moeder Maria!" was het spirituele dekentje dat men omsloeg als het leven even te koud werd.
Laten we eerlijk zijn, de situaties waarin we deze uitdrukkingen vandaag gebruiken, zijn vaak verre van heilig. Sterker nog, ze zijn dikwijls behoorlijk ludiek.
Bijvoorbeeld, wat dacht je van het moment dat de kleinkinderen op bezoek zijn? Ze zijn hyperactief, crossen door de living en net op het moment dat je niet kijkt, vliegt die antieke vaas van tante Hilde tegen de vloer. "O Jezus!" roep je dan uit, terwijl je de scherven bij elkaar veegt. Je roept Jezus niet aan om de vaas miraculeus te lijmen, maar om te voorkomen dat je ter plekke uit je vel springt.
Of je nu nog elke zondag in de kerkbanken zit of het geloof al lang achter je hebt gelaten: deze uitdrukkingen zijn het levende bewijs van rijke geschiedenis. Ze verbinden ons met de generaties voor ons, die exact dezelfde woorden riepen als het water hen aan de lippen stond – al was dat toen waarschijnlijk voor een mislukte graanoogst en niet omdat de wifi weer eens plat ligt.
Dus de volgende keer dat je bijvoorbeeld je teen stoot tegen een tafelpoot en er een luide "O Jezus!" door het huis galmt: schaam je niet. Je bent op dat moment niet aan het vloeken, je bent gewoon de Vlaamse geschiedenis en het christelijke geloof levend aan het houden.
Orlando Garcia Duarte